199. Regen en Zadelbreuk

Langs Thaise kustwegen zuidwaarts. Overal wordt aan de weg gewerkt, tweebaans wordt vierbaans, bulldozers graven zich grommend door tropisch regenwoud. Waarom eigenlijk, die grote wegen? Omdat de sancties tegen Myanmar zijn opgeheven en handelsbetrekkingen versoepeld, hoor ik in een restaurant, en nu heeft Thailand wegen nodig om al die goederen te vervoeren. Elders hoor ik gesputter over corrupte politici, handjeklap met ondernemers die ze grote opdrachten toespelen, die vierbaanswegen zijn nergens goed voor. Wie het weet mag het zeggen.

Het kustgebied, waar twaalf jaar geleden die verwoestende vloedgolf overheen sloeg, is vrijwel helemaal hersteld. Ik rij door Khao Lak, naar verluidt een van de zwaarst getroffen gebieden in Zuid-Thailand. De kust is hier betrekkelijk vlak, de aanstormende watermassa, tien meter hoog, kon ongehinderd doordenderen. Ruim vierduizend mensen kwamen om, bomen ontworteld, gebouwen verwoest. Veel zie je er niet meer van, nijvere handen hebben alles opgeruimd en herbouwd (goedkope arbeidskrachten uit naburig Birma, wordt er gefluisterd, zodat veel geld in Thaise zakken kon verdwijnen) en als je niet beter weet zou je denken dat alles is zoals het ook vroeger was. Maar wat is het verhaal achter deze merkwaardige bedrijfsnaam? Alles verloren en opnieuw begonnen? De dans ontsprongen maar wel een graantje meepikken van de ellende? Verhalen liggen voor het oprapen.

tsunami-taylor-khao-lak-jan-2017-mg_9669

Een van de toeristische trekpleisters in Khao Lak is Memorial Park 813, vernoemd naar de politieboot die hier terechtkwam. Het gevaarte, 25 meter lang en 45 duizend kilo zwaar, lag honderd meter uit de kust voor anker politieboot-khao-lak-feb-2008 toen de vloedgolf hem optilde en ruim twee kilometer landinwaarts meesleepte.
Toen ik hier de eerste keer kwam, krap drie jaar na de tsunami, lag de boot exact zoals het water hem had achtergelaten. Scheef, slordig, als speelgoed dat door een verwend kind is weggegooid. Juist door de schijnbare achteloosheid waarmee het ding daar lag kon je een beetje bedenken wat de tomeloze kracht van het water geweest moet zijn. Maar zoals altijd moeten de dingen verfraaid, mooier gemaakt, plooien gladgestreken. De boot is netjes recht gezet en op sokkels geplaatst, heeft een verfje gekregen en eromheen is de wereld in beton gegoten. Wég de emotie, de mogelijkheid te fantaseren. Een zielloos object in een aangeharkte wereld.

politieboot-khao-lak-jan-2017-img_9683

Enkele dagen later, voorbij het schiereiland Phuket vanwaar ik met de veerboot oversteek naar het kustplaatsje Ao Nang om verder zuidwaarts te rijden, scheurt de hemel open en stopt het twee dagen en nachten niet meer met regenen. Achter Ao Nang gaat de weg omhoog het binnenland in, en het asfalt is veranderd in een kleine rivier, water spoelt de straten schoon en gorgelt naar zee. regen-thailand-08-01-17 De bergen rond het dorp gaan gehuld in nevel, ’s nachts word ik wakker van het razend gekletter op het zinken dak naast mijn kamer. Hoe nu verder? Dit is geen weer om te fietsen, te nat, en bovenal: te gevaarlijk. Het Thais meteorologisch instituut waarschuwt voor stormachtige rukwinden en hoge golven, er hangt een reusachtig lagedrukgebied boven Zuid-Thailand dat nauwelijks van z’n plaats komt, tergend langzaam kruipt het noordwaarts richting Birma. Ik bestudeer de kaart. De zuidkant van het front ligt ter hoogte van de stad Satun, bijna driehonderd kilometer zuidelijker. Wat te doen? Hier nog dagenlang wachten tot het optrekt? Geen sprake van. krant-staand-img_9765 Ik huur een pick-up, de fiets wordt vastgesnoerd in de laadbak en off we go. En het blijkt de enig juiste beslissing. Onderweg, de ruitenwissers op volle snelheid, zien we de betekenis van noodweer. Rivieren kunnen het water niet aan, wegen stromen over, in de laaggelegen gebieden naast de weg staan huizen tot aan de dakrand onder water, een jongen zwemt met een waterbuffel tussen de palmbomen. Veilig achter de voorruit van de pick-up zie ik hoe het water wervelt achter vrachtwagens, iemand op een motor probeert in een plotselinge rukwind overeind te blijven, de flinterdunne poncho wappert als een losgeslagen zeil. Als fietser was ik hier reddeloos verloren. De volgende dag zie ik foto’s in de krant, de plotselinge weeromslag heeft iedereen verrast, kniediep waden dorpelingen door de straat, een oude vrouw wordt door hulpverleners in zwemvest geëvacueerd. Later blijkt dat 12 mensen om het leven zijn gekomen door de ‘unseasonable downpour’, zoals het Thaise nieuws het noemt.

Het weerbericht had gelijk: het lagedrukgebied eindigt bij Satun, vlakbij de grens met Maleisië. In stromende regen kom ik aan en neem een kamer in het eerste hotel dat ik zie. De volgende ochtend kijk ik uit het raam: de zon schijnt, de wereld dampt. Maar dan gaat iets anders mis. ‘Zelden komen rampen eenzaam als verspieders’ schreef Shakespeare, en misschien is het wat zwaar op de hand om in dit geval over rampen te spreken, toch is het schrikken als ik op m’n fiets stap en het zadel pardoes onder me wegbreekt: de zadelbrug, de metalen beugel waarop een zadel rust, finaal doormidden. Ben je van de regen verlost, krijg je dit. Verder rijden onmogelijk, het zadel hangt scheef alsof je in een stoel gaat zitten en door de zitting zakt. Wat nu? Ik heb altijd beweerd dat je in Azië op elke straathoek een werkplaats kunt vinden, een alleskunner met twee linkerhanden. Welnu, die woont dan ergens anders, maar niet hier. Met de fiets aan de hand straat in straat uit, overal vragen, op het malheur wijzen, maar niemand die iets weet, als ze je vraag al begrijpen.

Maar als altijd is redding nabij, zo zit de wereld nu eenmaal in elkaar, het dient zich zomaar aan. Een jongedame rijdt met haar scooter pardoes de stoep op en vraagt of ze kan helpen. Dat doen mensen soms, ze zien iets, een vreemdeling op de stoep, en denken: die wil iets, misschien kan ik helpen. Koester die momenten, ze zijn dun gezaaid. En ze blijkt de reddende engel. Vijf minuten later sta ik in een rommelige werkplaats waar de eigenaar (zonder lasbril!) de zaak repareert. Tien minuten later is de klus geklaard. Grote glimlach als hij water over de verse las giet en het metaal sissend afkoelt. IJzersterk heeft na vandaag een nieuwe betekenis.

lassen-fietszadel-1-img_9766

Erg veel ben ik intussen, qua kilometers althans, niet opgeschoten. Hoeft ook niet, het is geen M4M sponsorrit voor Stichting Duniya, kilometers zijn nu niet belangrijk. Ik ben in Maleisië op het eiland Langkawi (zie kaart), paar dagen zon. Overmorgen gaat het verder, dan neem ik de veerboot naar Georgetown op Penang. En daarna verder zuidwaarts: voorlopig richt ik mijn vizier op Malakka en Kuala Lumpur.

198. Een Jaar in Zwart-Wit

De vraag was, toen ik in Bangkok aankwam: hoe zou het openbare leven er uitzien, na de dood van koning Bhumibol? Hij stierf op 13 oktober, en meteen werd een maand rouw afgekondigd, waarin de bevolking zich in het zwart moesten kleden, en als dat niet kon was wit een waardig alternatief. Die eerste, strenge rouwperiode is voorbij, maar de afgezwakte vorm zal tot oktober volgend jaar duren. Ook de televisie, die een maand lang uitsluitend zwart-wit uitzond, mocht weer in kleur, zo begreep ik van een Thaise mijnheer in het vliegtuig. Maar alles moest sober, geen uitbundigheid, geen vrolijke programma’s, en in het openbare leven geen felle kleuren – bij voorkeur het hele jaar. Via sociale media werd opgeroepen tot een boycot van winkels waar verkopers geen zwarte kleren droegen en er zouden al opstootjes geweest zijn, mensen die ál te fleurig over straat gingen. Protest, een hardhandige duw, maar tot echte volkswoede was het niet gekomen.

Hoe zag het er nu uit, twee maanden na het overlijden? Op het vliegveld zag ik niets bijzonders, behalve dat in mijn gevoel foto’s van de koning ontbraken, terwijl ik meende dat die er vroeger wél hingen. Of was het niet gewoon zo dat óveral foto’s van de koning hingen, op straat, in winkels, bij mensen thuis? En ik ze daardoor ook op het vliegveld verwachtte? guirlandes-zwartwit-img_9460 Eenmaal in de taxi op weg naar de binnenstad werd duidelijk hoe rouw in Thailand er uitziet. Foto’s, bijna zonder uitzondering in zwart-wit. Slingers van zwart-witte stof langs poorten, muren en hekken. Foto’s met reusachtige bloemstukken, echte rozen, wit. Later, wandelend door de straten, foto’s in etalages, op straathoeken, bij overheidsgebouwen, scholen. Bij een markt op straat applaudisseerden marktvrouwen toen ik een foto maakte van een reusachtig spandoek dat gevelbreed tegen een gebouw was opgehangen. Good king! riepen ze in koor, en gaven me opgestoken duimen, Thaise likes, alsof de wereld Facebook was.

muurfoto-bhumibol-bangkok-img_9465

Intussen dendert de Thaise wereld gewoon door. Natuurlijk, je kunt niet blíjven treuren. De etiquette verlangt het misschien, en de sociale mores ook, dus je doet mee, maar intussen moet er gewerkt en geld verdiend en brood gebakken, dode koning of niet, en ik kán me niet voorstellen dat die Bhumibol echt zo geliefd was. Iedereen weet toch dat hij met slimmigheidjes 20 miljard dollar vergaard heeft? Dat kan toch niet onbesproken blijven, in een land waar een groot deel van de bevolking in bittere armoede leeft? Maar het is linke soep hier, je verdwijnt achter de tralies als je het koningshuis beledigt. Het is een vorm van totalitarisme, en dan kijk je wel uit je mening te geven. En wat is belediging? Geen Lucky-tv, geloof dat maar. Die zou voor het vuurpeloton komen. Maar zelfs een opmerking in sociale media die ook maar ruíkt naar kritiek op het koningshuis, kan 15 jaar cel opleveren. En de bevolking wordt opgeroepen mensen aan te geven die dit doen. Met succes. Volgens Reuters zijn sinds de dood van Bhumibol het aantal aangiften toegenomen, tegen acht verdachten zijn arrestatiebevelen uitgevaardigd, vier van hen zijn al opgepakt. En het Ministerie van Buitenlandse Zaken heeft Nederlandse toeristen die naar Thailand gaan gewaarschuwd: “Elke misplaatste opmerking kan als beledigend beschouwd worden.”

Ach, het leven gaat door, en je past je aan. Op de taxiboot in Bangkok, die van steiger naar steiger vaart en passagiers oppikt, zag ik deze monniken. Die trekken zich nergens iets van aan, dacht ik. Of toch? Je weet het niet, met die gasten.

monnik-op-boot-bangkok-img_9448

Ik ben dus weer in Azië, met de fiets. Kreeg opeens zin nog één keer Zuid-Thailand en Maleisië te doorkruisen, eindpunt Singapore. Deed het in vroeg 2008 ook, bijna negen jaar geleden, tijd voor een replay. Overwoog aanvankelijk er opnieuw een sponsorrit voor onze Stichting Duniya van te maken, maar misschien te kort op de vorige rit, begin dit jaar? Heb je hém weer, zouden ze denken. Nu dus puur voor mijzelf, en op de valreep naar het nieuwe jaar ben ik, nadat ik de bergrug die oost en west scheidt ben overgestoken, met inmiddels ruim 600 km op de teller in een klein resort aan de westkust neergestreken. De zee is vanaf hier niet te zien, die ligt op een kilometer afstand achter de mangroves, maar ik zag haar al meermaals onderweg aan de oostkust, vanaf kleine kustwegen waar slapende honden niet op of omkijken als in de middaghitte een fietser voorbijkomt en landarbeiders, rustend in schaduw, loom de hand heffen in groet. En ik zal haar nog meermaals zien, straks, op weg naar het zuiden, langs de plaatsen waar in 2004 de tsunami toesloeg. Benieuwd of de vernietiging teniet is gedaan, de resorts herbouwd. Verslag volgt.

De zon die niet onder gaat maar óp komt boven zee, het blijft wonderlijk. En zo zie je eens temeer dat fotografie niet altijd de waarheid onthult. Niet uit onwil, maar omdat het niet kán. Neem onderstaande foto. Gaat ze op of onder? Alleen de maker weet het.

Vanuit Thailand een, letterlijk en figuurlijk, warme groet aan allen. Pas op met vuurwerk, hef het glas op een goed nieuwjaar en omhels je dierbaren. Ja, laten we hopen op een goed 2017. De mensheid verdient het, dat het goed komt met ons allen.

sunrise-eastcoast-thailand-dec-2016-img_9576

197. De Films van 2016

Toegegeven, ik zie meer films dan ik boeken lees. Niet dat de ene liefde per se groter is dan de andere, maar films consumeren nu eenmaal sneller. We hebben dit jaar een paar meesterwerken gezien, waar we flink van ondersteboven waren. Daarnaast natuurlijk de mindere goden, maar nog altijd bovengemiddeld. Al met al een heerlijk filmjaar, en onderstaande titels zijn wat mij betreft must sees.

_________________________________________________________________________

the-broken-circle-breakdown-felix-van-groeningen-2012
The Broken Circle Breakdown (Felix van Groeningen 2012).
Hij houdt niet van tatoeages, haar lichaam is ermee bezaaid. Hij is bedachtzaam, zij impulsief. Het weerhoudt ze niet halsoverkop verliefd op elkaar te worden: de muzikant Didier, die in een bluegrassband speelt, en Elise, die een tattooshop heeft. Ze krijgen een dochtertje, die op 6-jarige leeftijd ernstig ziek wordt. Alle ingrediënten voor een topzware film die over de rand kan vallen, maar dat nergens doet. Integendeel. Het verhaal wordt in flarden verteld, de chronologie maakt rare bokkensprongen, maar het blijkt een gouden greep van regisseur Van Groeningen, die zijn acteurs tot grote hoogte stuwt. Alle grote thema’s komen aan bod, met als hoofdmoot atheïsme versus geloof. Onvermijdelijk ontstaat daardoor een kloof tussen de geliefden; verdriet is niet altijd te delen, maar kan ook ondraaglijk eenzaam zijn. Het maakt The Broken Circle Breakdown geloofwaardig en hartverscheurend en is, zonder reserves, een van de beste films die ik dit jaar zag.

_________________________________________________________________________

TheSelfishGiant_poster_70x100.indd
The Selfish Giant (Clio Barnard 2014).
De 13-jarige Arbor vindt het geweldig dat hij van school is gestuurd. Nu heeft hij tenminste tijd voor echt belangrijke dingen, zoals geld verdienen als schrootverzamelaar. Met vriend en leeftijdsgenoot Swifty trekt hij er met paard en wagen op uit op zoek naar oud ijzer. Het leven in het door de crisis getroffen Noord-Engelse Bradford is grimmig en grijs, regisseur Barnard weet de sfeer goed te treffen met beeld waar het licht uit verdwenen lijkt. The Selfish Giant, in de verte gebaseerd op het gelijknamige verhaal van Oscar Wilde waarin een reus spelende kinderen uit zijn tuin verjaagt, laat de jongens rondscharrelen in een desolate maar schitterend in beeld gebrachte omgeving. Regisseur Barnard verkoopt geen valse hoop, Arbor en Swifty hebben veel te weinig kans op geluk. Bij Swifty thuis is de armoede angstaanjagend, Arbor heeft een drugsverslaafde broer en een afwezige vader. Nergens een goed voorbeeld in zicht. Als portret van de onderklasse past The Selfish Giant bij het typisch Britse sociaal-realisme van Ken Loach. The Selfish Giant is schrijnend prachtig.

_________________________________________________________________________

Still Life Uberto Pasolini 2013
Still Life (Uberto Pasolini 2013).
Als ambtenaar in Londen is John May (Eddie Marsan) verantwoordelijk voor het regelen van uitvaarten van overledenen zonder nabestaanden. Als zijn baan wordt wegbezuinigd (‘De doden zijn dood, hen maakt het toch niks meer uit’, zegt zijn chef) besluit John, een zwijgzame, bijna autistisch in zichzelf teruggetrokken eenling, in een opwelling zich volledig te richten op zijn laatste zaak. Hij traceert de dochter van de overledene, een alcoholist die al weken dood was voor iemand hem vond, en komt zelf langzaam uit zijn isolement. De ontwikkelingen zijn misschien wat voorspelbaar, maar het verhaal is liefdevol en precies getekend en Eddie Marsan, doorgaans gecast als bijrolacteur, is geweldig.

_________________________________________________________________________

Slow West
Slow West (John MacLean 2015).
Ik groeide op met westerns en ben nog steeds fan van het in de jaren zeventig doodverklaarde genre. Maar het leeft, en hoe! Denk aan Silverado van Lawrence Kasdan (1985), Unforviven van Clint Eastwood (1992), Open Range (Kevin Costner, 2003) en True Grit (gebroeders Coen, 2010). Aan dit illustere rijtje voegt John MacLean nu zijn Slow West toe, waarin een keurige Schotse rijkeluiszoon in het rauwe westen op zoek gaat naar zijn verdwenen geliefde, gechaperonneerd door een premiejager met, zo blijkt al gauw, een dubbele agenda. En opnieuw blijkt dat er regisseurs zijn die een nieuwe toon kunnen vinden door camerastandpunten en verrassende, bijna surrealistisch intermezzi, zoals een ontmoeting met een trio Congolese muzikanten. Is MacLean beïnvloed door Wes Anderson, of door eerdergenoemde Coen brothers? Maakt niet uit. Het resultaat is een fascinerend, complex verhaal over de menselijke natuur.

_________________________________________________________________________

Turist (aka Snow Therapy) 2014 Ruben Östlund
Turist (Ruben Östlund 2014).
Als het ideale Zweedse gezinnetje – papa, mama, zoon, dochter – tijdens een skivakantie op een terras waar ze zitten te lunchen door een lawine bedreigd wordt, grist papa zijn iPhone en handschoenen mee en neemt de benen, zijn familie achterlatend. Uiteindelijk gebeurt er niets, de lawine stopt pal voor het terras, maar het vertrouwen tussen de echtelieden is gekraakt. De man probeert zijn gedeukte ego te verbergen door de hele zaak te ontkennen, zijn vrouw laat hem er niet zo makkelijk mee wegkomen. Kan een huwelijk zo’n vertrouwensbreuk overleven? Turist is een venijnig, bij vlagen droogkomisch, briljant relatiedrama.

_________________________________________________________________________

45 Years Andrew Haigh 2015
45 Years (Andrew Haigh 2015).
‘Ze is gevonden’. Met dit simpele zinnetje wordt het 45-jarige huwelijk van Kate (Charlotte Rampling) en Geoff (Tom Courtenay), dat binnenkort groots gevierd zal worden, op scherp gezet. Geoff krijgt een brief uit Zwitserland: het lichaam van zijn vroegere vriendin, die 50 jaar geleden in een gletsjerspleet verdween, is gevonden. Herinneringen komen boven, en de vertrouwdheid van 45 jaar huwelijk blijkt minder stabiel dan we denken. Hoe goed kennen we elkaar? Intussen tellen we de dagen af naar het feest toe. Dan zal er worden gespeecht, dan zal er iets van catharsis zijn. Maar in welke mate? “Hoe kan ik je iets kwalijk nemen dat is gebeurd voor we elkaar kenden,” verzucht Kate. “Maar toch,” zegt ze, terwijl ze de kamer uit loopt. En met die woorden is alles gezegd. Een verpletterende film.

_________________________________________________________________________

Away From Her Sarah Polley 2006
Away from her (Sarah Polley 2006).
Grant (Gordon Pinsent) en Fiona (Julie Christie) zijn al bijna een halve eeuw getrouwd, als bij Fiona de Alzheimer, die zich al eerder heeft aangediend, steeds duidelijk wordt. De ziekte is progressief. I am disappearing, verzucht Fiona. Voordat het zover is wil ze worden opgenomen in een verzorgingstehuis. Ga niet, smeekt Grant, maar Fiona wil vóór de ziekte toeslaat en ze haar echtgenoot vergeet uit zijn leven verdwijnen. Kort daarna is hij een vreemde voor haar, en hij ziet met lede ogen aan hoe ze zich verliest in gevoelens voor een medepatiënt. Hoe moet Grant hiermee omgaan? Een gepassioneerde, ontroerende film, die geen moment sentimenteel wordt. En prachtige rollen voor Pinsent en Christie.

_________________________________________________________________________

mommy-xavier-dolan-2014
Mommy (Xavier Dolan 2014).
Een mirakel, deze film van de pas 25-jarige Canadese regisseur, en niet alleen vanwege het claustrofobische beeldformaat waarin hij filmt (bijna 1:1), waardoor de wereld zodanig versmalt dat er voor de buitenwereld geen plaatst lijkt te zijn. Dat is ook het thema van dit aangrijpend portret van een problematische moeder – zoon relatie. Zoon Steve, een onstuimige puber die met orkaankracht door het leven raast, heeft het definitief verprutst in de instelling waar hij verblijft nadat hij brand heeft gesticht en een medeleerling verwond. Alleenstaand moeder Diane heeft de keus: haar zoon kan naar de gevangenis, of ze ziet het zelf maar te redden met hem. Hulp krijgen ze van een overspannen overbuurvrouw die via het disfunctionele ADHD gezinnetje kan ontsnappen aan de benauwdheid van haar eigen leven. Steve is levensgevaarlijk in zijn woeste ongecontroleerde uitbarstingen, een volgend moment is hij aandoenlijk als hij zijn moeder een kitscherig halskettinkje cadeau doet of haar bezweert dat ze het echt wel samen zullen redden. Soms opent zich de wereld, letterlijk, dan schuift Steve als een filmgordijn het beeld open, en even bevinden we ons met hem in een widescreenwereld, die zich even later onherroepelijk weer zal sluiten. Een ongekende filmervaring die zich in je gemoed vastbijt.

_________________________________________________________________________

Tot slot een pleidooi om ook eens een ‘oude’ film van de plank te halen. Waarom?
Enige tijd geleden zag ik ergens een lijstje ‘Top 50 filmacteurs en -actrices aller tijden’. Het verbazendste: niemand uit ‘vroegere’ films. Geen James Stewart, Gregory Peck, Peter O’Toole, George C. Scott, Rod Steiger of David Niven; geen Simone Signoret, Giulietta Masina, Eva Marie Saint en, ongelofelijk maar waar: geen Anna Magnani, het grootste dramatisch talent uit het Italiaanse neorealisme. Vergeten? Met alle nieuwe films die uitkomen en alle nieuwe talenten die zich aandienen misschien niets aan te doen, maar ach, wat jammer.

Daarom: kijk af en toe eens een oude film zwart-wit film. Zo een waar géén computerbewerkingen aan te pas zijn gekomen, met gewoon lopende en pratende mensen, waarin een verhaal verteld wordt zonder poespas, geen gebouwen die instorten, geen interplanetaire rimram, mutanten of reuzenrobots, maar gewoon een film waarin geacteerd wordt. Ik doe drie suggesties. Drie films die ik min of meer recent opnieuw gezien heb en die, vind ik, door iedereen gezien moeten worden omdat ze deel uitmaken van de filmhistorie. En omdat ze, elk op hun eigen manier, práchtig zijn.

Als eerste: : La Strada (Frederico Fellini, 1954).
Zestig jaar oud inmiddels en houdt zich kranig staande, dit meesterwerk van Fellini. Het vertelt het tragische verhaal van la-strada Gelsomina (Giulietta Masina, Fellini’s echtgenote), die, gedreven door bittere armoede, door haar moeder verkocht wordt aan straatartiest Zampanò (Anthony Quinn) die haar als assistent nodig heeft bij zijn optredens als krachtpatser. Zampanò is een bruut, die Gelsomina intimideert en soms mishandelt, maar uiteindelijk beseft niet zonder haar te kunnen. Ik zal hier het hele verhaal niet vertellen, wie de film nog nooit zag moet het verhaal zonder voorkennis ondergaan. En na afloop verzuchten: ja, een meesterwerk.

Dan: On the Waterfront (Elia Kazan, 1954.)
Terry Malloy (Marlon Brando), voormalig prijsvechter die in de haven bijklust, raakt ongewild betrokken bij de moord op een medehavenarbeider. De moord gebeurt in opdracht van maffiabaas en vakbondsleider Johnny Friendly (Lee J. Cobb), die wordt geholpen door onder andere Terry’s broer Charley (Rod Steiger). Als Terry de zus van de vermoorde man leert kennen, begint de moord steeds zwaarder op zijn geweten te wegen. Hij wordt onder druk gezet door zowel de priester Barry (Karl Malden), die het zijn persoonlijke kruistocht heeft gemaakt om de haven misdaadvrij te maken, als door de criminele vakbondsleider die zijn belangen tegen elke prijs wil beschermen. Een prachtige film noir met acteurs die de sterren van het doek spelen. De jammerkreet ‘I coulda been a contender’ van Brando blijft nog lang nazinderen.

Tot slot: Mr. Smith goes to Washington (Frank Capra, 1939).
Gedateerd? ’n Beetje, ja, soms. Kan haast niet anders, met een film van bijna 80 jaar oud. Maar dat camerawerk! Alleen daarom al de moeite waard te zien. Maar ook om het verhaal. Schitterende hoofdrol van James Stewart als stuntelende, naïeve dorpsjongen die door corrupte politici naar Washington wordt gehaald om als stroman in de Senaat zitting te nemen. (Prachtige mr-smith-goes-to-washingtonbijrol trouwens van Claude Rains, die we vooral kennen als politieman Louis Renault uit Casablanca.)
Mr. Smith goes to Washington is een klassiek verhaal over goed en kwaad, wat vandaag de dag honend wordt afgedaan als kitsch en cliché, maar wat is er mis met oprechte goedheid? James Stewart was de belichaming van de ‘man van stavast’ die niet anders dan goedhartig en oprecht kón zijn; een paar jaar later speelde hij, ook in regie van Capra, de rol van zijn leven in It’s a Wonderful Life, die wat mij betreft wél gedateerd overkomt maar rond deze kerstdagen, zoals het al decennia gebeurt, wereldwijd op de televisie vertoond zal worden.

Tot zover. Lijst was wat langer dan gebruikelijk – kan niet beloven dat het volgend jaar korter zal zijn. Laat ze maar komen, die mooie films!