195. Horen of Zien

Opmerkelijk artikel in de NRC, over onverwachte vragen die sollicitanten kunnen krijgen tijdens een gesprek bij een potentieel nieuwe werkgever. Behalve voor de hand liggende vragen over opleiding en ambitie, krijgen ze opeens ‘Hoe krijg je een olifant in een ijskast?’, of ‘Wat zou je doen als je 500 blikjes kattenvoer wint in een loterij?’. Eerst denk je: die mensen zijn niet goed snik. Later realiseerde ik me dat het nog zo gek niet is, iemand uit z’n comfortzone halen, zien hoe ze kunnen improviseren en hoe creatief ze zijn. Als sollicitant voel je je intussen natuurlijk behoorlijk genaaid als je moet antwoorden op vragen als ‘Zou je liever onzichtbaar zijn of kunnen vliegen?’

Toch is het interessant jezelf af en toe vragen te stellen die lastig zijn, out of the box. Ik deed het een paar dagen geleden ook. Niet over blikjes kattenvoer of een olifant, maar een beetje de filosofische variant op het oude spelletje ‘je wordt verbannen naar een onbewoond eiland. Wat neem je mee?’ Dat worden dan steevast boeken of lp’s waar je niet buiten denkt te kunnen. Bij mij was het confronterender: wat heb je liever, horen of zien. Je moet van één van deze twee zintuigen afscheid nemen. Welke kies je?

Die vraag kwam niet zomaar uit de lucht vallen. Enkele weken geleden ging ik naar mijn opticien met de klacht dat ik steeds minder scherp kon zien. Hij deed wat metingen, keek diep in mijn ogen met fel licht en zei: jongen, je hebt staar. En, met een knipoog: ja, dat krijg je, op je oude dag. Hij stuurde me naar de huisarts die me prompt naar het ziekenhuis verwees. Bij het onderzoek daar kreeg ik druppels belladonna in m’n ogen zodat de pupillen mooi wijd werden, konden ze de zaak goed bekijken. Ja, staar, beide ogen, en niet zo’n beetje ook. Ik kon meteen een afspraak maken voor de eerste operatie. Die wijde pupillen hield uren aan, ik kon geen licht verdragen, zat binnenshuis met zonnebril op naar muziek te luisteren. En toen, tijdens de wondermooie tweede akte van La Traviata, kwam opeens die vraag in me op: wat heb je liever, horen of zien. Ik wist het niet. Nog niet.

Inmiddels heb ik twee staaroperaties achter de rug, de laatste afgelopen woensdag. Bij de eerste ingreep, drie weken geleden, zat ik met zweethanden en knikkende knieën in de wachtkamer na een slapeloze nacht vol horrorfantasieën. staaroperatie-1-150916-img_9206 Zag mezelf ruggelings op de operatietafel, vastgehouden door pezige kerels, en een stem die zegt: nu wordt het even vervelend. En dan zie je het mes op je oog afkomen. Oh shit. Terwijl ik m’n klamme handen afveeg aan m’n broek wordt een oude vrouw in een rolstoel de wachtkamer binnengereden. Eén oog in verband, kennelijk zojuist geopereerd. Ze kijkt me aan en vraagt in het Fries: Binne jo hjir foar it earst? Ik knik. Ja, ik ben hier voor het eerst. Aan alles is te zien dat ik ‘m knijp als een oude dief, want ze zegt geruststellend: Meitsje dy gjin soargen, do fielt en sjocht neat. En ze heeft gelijk, je voelt en ziet niets.

Het is een wonder, die operatie. Verdovende druppels in je oog, na een half uur word je naar de voorbereidingsruimte gebracht, operatiekleding aan, van top tot teen ingepakt, je gaat languit op een verrijdbaar bed, nog wat druppels en dan rijden ze je naar de OK. Stemmen om je heen, de laatste check, wie ben je, wanneer geboren, welk oog moet geopereerd. Weten ze zeker dat ze de goede op tafel hebben. staaroperatie-2-051016-img_9237 Dan fel licht in je oog, een vrouwenstem pal boven je vertelt wat ze doet, en je beseft dat ze allang bezig is, het mes erin, de operatie is in full swing en het is zoals de oude vrouw zei, je voelt en ziet niets, behalve fel licht dat zindert en trilt als woestijnhitte.

Een goed kwartier later zegt de chirurg dat het gedaan is, tot de volgende keer. Ik word met bed en al weggereden, operatiekleding gaat uit, de verpleegkundige helpt, ondersteunt, wees voorzichtig bij het rechtop zitten, waarschuwt ze, misschien bent u wat duizelig. Bijna duvel ik even later van de trap als ik een trede mis, ’t is slecht diepte schatten met één oog. Vriend Chris vangt me op, rijdt me veilig naar huis. Drie weken later is het andere oog aan de beurt. Ah, daar bent u weer, zegt de chirurg, als we volgens protocol de vragen afwerken, hoe heet je, wanneer geboren, welk oog. Opnieuw dat licht, er wordt gesneden en gedaan, ik hoor akelige piep- en kraakgeluiden maar ik lig ontspannen achterover, laat het gebeuren, wetend dat aan het eind van het traject alles beter zal zijn.

Nu, een halve week na de tweede ingreep, zie ik de wereld scherp. Zo moet het vroeger geweest zijn, maar ik was het vergeten. Kleuren lijken intenser, het herfstlicht met lage zon, het is bijna te fel, zonnebril op, ogen moeten wennen, zoals ze sluipenderwijs gewend raakten aan minder zicht.

En die vraag, horen of zien? Ik denk dat ik het weet. Als ik moest kiezen, koos ik voor wat ik nu heb, m’n nieuwe ogen. Hoe groot het verlies ook moet zijn, ik kan me, zij het met grote moeite, eventueel een leven voorstellen zonder geluid, zonder stemmen, en het grootst denkbare verlies: zonder muziek. Maar een leven in duisternis? Onvoorstelbaar.

194. Vertellen over Vietnam

Zondag 5 juni 13:26 uur: het moment dat ik Hanoi bereik en mijn fietstocht ten einde is. Hoewel, Hanoi bereikte ik al eerder, eindeloze buitenwijken waarvan je maar aanneemt dat het bij de hoofdstad hoort, want plaatsnaamborden doen ze niet aan in Vietnam. Wanneer de bebouwde kom begint? Geen idee. Maar dan is het er opeens: Hoan Kiem, het magische meer in het oude hart van Hanoi, waarvan de legende wil dat een vroege Vietnamese keizer een gouden zwaard moest teruggeven aan een reusachtige schildpad, nadat hij jaren eerder datzelfde zwaard gekregen had om de Chinese erfvijand te lijf te gaan. Maar voor mij is Hoan Kiem vooral het meer waar ik ’s avonds wandelingen maakte met Mirjam, die rond datzelfde meer in de vroege ochtend ook haar hardlooptrainingen deed.

En dan is het zondag de 5e juni, ik rij centraal Hanoi binnen, herken de straten, weet wanneer links en rechts en dan is er Hoan Kiem. Ik stap af, voel de koele wind over het water en weet: het is volbracht.

1. Hans in Hanoi IMG_8842_edited-1

Maar dan. Als iets volbracht is, is het dan ook klaar? Nee. Want er is nog zóveel te vertellen. Over de bloeiende bomen in de straten van het prachtige Hoi An, dat, ook al is de naam een anagram van Ha Noi (terzijde: in het Vietnamees zijn alle woorden in lettergrepen opgehakt, niemand heeft me kunnen uitleggen waarom omdat niemand het weet), op geen enkele manier vergelijkbaar is met welke stad in Vietnam ook. Ooit de belangrijkste havenstad van Zuidoost-Azië, die door het dichtslibben van de rivier haar positie verloor aan Da Nang en in vergetelheid raakte. Als door een wonder kwam Hoi An ongeschonden door de Amerikaanse oorlog en is nu, met haar schitterende 17e en 18e eeuwse architectuur, een van de de belangrijkste trekpleisters van het land. Ik ken de stad goed, we waren er vaak, ik kwam er nu ook op de fiets doorheen, maar ontvluchtte de toeristendrukte. Maar die bomen! Zo mooi! Cassia fistula, Indische goudenregen.

3. Hoi An bloeibomen Cassia fistula Indische goudenregen IMG_8357

En de oorlog, het kan niet ongenoemd blijven. Bij ons heet hij de Vietnamoorlog, hier, terecht, de Amerikaanse. In de inleiding van onze gids over Vietnam (die, zie ik nu tot mijn verbazing, nog steeds verkrijgbaar is, ook al is hij bijna tien jaar oud) citeer ik Horst Faas, tijdens de oorlogsjaren chef van het fotobureau van Associated Press in Saigon, die schreef: ‘Vietnam is een land, geen oorlog’. Voor mij heeft het lang geduurd deze stap te maken, de oorlog viel samen met mijn adolescentie, ik kón Vietnam niet anders zien dan in relatie tot die omstreden oorlogsjaren, kon zelfs het woord Vietnam niet horen zonder er de stille echo oorlog bij te denken. Maar tijdens deze reis merkte ik dat het eindelijk wegviel, we zijn veertig jaar verder, het land ontgroeit zijn verleden, ook al is de geschiedenis op sommige plaatsen onuitwisbaar. Zoals in My Lai, waar een plaquette herinnert aan het bloedbad dat een dolgedraaide Amerikaanse eenheid aanrichtte op die inktzwarte ochtend in maart 1968. Ruim vijfhonderd schuldeloze dorpelingen verloren het leven. Hier, waar nu dit bord staat, in deze greppel, werden 170 oude mannen, vrouwen en kinderen afgeslacht. Op zo’n besmette plek kàn je niet anders dan machteloos herdenken.

4. My Lai IMG_8306

Zo ook in de stad Dong Hoi, die door Amerikaanse bommen in 1965 vrijwel geheel in de as werd gelegd. Stille getuige is het restant van een kruiskerk: de klokkentoren en rafelranden in het metselwerk waar het schip was. Vietnam heeft hiermee, net als Berlijn, zijn eigen Gedächtniskirche, maar welke rol speelt het stenen kadaver in het bewustzijn van de nieuwe generaties Vietnamezen? Geen, vermoed ik. De eigen geschiedenis is niet populair bij de naoorlogse generaties, net zomin als men vraagtekens plaatst bij het monopolie en de retoriek van de eenpartijstaat. Het is, het was, en zal zo zijn.

5. Church Dong Hoi IMG_8503

Een ander relict uit die oorlogsjaren is de Hien Luong brug over de Ben Hai rivier waar Vietnam, in overeenstemming met de Akkoorden van Genève van 1954, langs de 17e breedtegraad werd gedeeld. De enige officiële verbinding tussen noord en zuid was deze brug, waarvan het noordelijk deel rood geverfd werd, om voor de hand liggende redenen. Geen idee waarom het nu blauw is. Het zuidelijk deel kreeg de kleur geel, kennelijk werd dat gezien als de kleur van het kapitalisme. (Was groen dan niet beter geweest?) De brug is niet langer in gebruik, is te smal en krakkemikkig om het zware verkeer aan te kunnen. En het is verboden terrein. Foto’s maken kan alleen vanaf de nieuwe brug, die parallel aan de oude loopt.

Bridge IMG_8476

Ach, er is zoveel te vertellen over Vietnam. De wonderbaarlijke manier van bouwen bijvoorbeeld. Amsterdam heeft enkele oude woningen die terecht pijpenla worden genoemd, smal en diep. Maar als ze érgens het recht hebben op die benaming, dan is het Vietnam. Dit is een typisch voorbeeld van de Vietnamese bouwstijl: nhà ống, letterlijk: ‘kokerhuis’. De stijl stamt uit de tijd dat belasting geheven werd over de breedte van de gevel. Dus hoe smaller, hoe goedkoper. Een andere reden: bouwgrond is kostbaar. Omhoog is goedkoper dan in de breedte. Dat dit in de stad geldt, kan ik me voorstellen. Maar op het platteland?

6. Lonely house IMG_8775

Een verbluffende ervaring was de manier waarop ze in Vietnam omgaan met dieren. Dierenwelzijn is niet iets dat hier écht leeft. Eerder liet ik al een foto zien waarop te zien is hoe onbarmhartig er wordt omgesprongen met pluimvee, en ik zoek nog steeds naar een verklaring van dit brute gedrag. Is het cultureel bepaald? Heeft het iets met innerlijke beschaving te maken? Het blijft een moeilijk vraagstuk.

Groot was dan ook mijn verbazing, en vreugde, toen ik zag wat ze in Vietnam doen met varkens die, net als bij ons, in vrachtwagens worden getransporteerd. In Europa wordt keer op keer geprotesteerd, overigens zonder succes, tegen de manier waarop slachtvee over grote afstanden wordt vervoerd. Geen water, geen rust, dieren die elkaar uit pure angst tot bloedens toe aanvallen.
Onderstaand tafereel zag ik niet één, maar wel twintig keer tijdens mijn tocht door Vietnam: langdurig worden de dieren gekoeld met grote waterstralen. Heerlijk vinden ze het, de varkens. Een tevreden geknor en gesmak van jewelste. Er zijn zelfs speciale parkeerplaatsen waar chauffeurs hun kwetsbare lading op deze manier kunnen afkoelen en laten drinken. Zeker, ze zijn op weg naar de slacht. Maar op een fatsoenlijke manier. Daar kunnen de barbaarse veetransporteurs in Europa nog wat van leren.

7. Varkens IMG_8540

Ik had ook zoveel willen vertellen over het dorpsleven, de mensen die je ziet, het kleinschalige, waarvan je het gevoel hebt dat het altijd zo was en zo zal blijven. Zoals het drogen van de oogst. In Centraal-Vietnam was de rijstoogst in volle gang. Dat gaat het hele jaar door, drie keer per jaar kan geoogst worden als het een beetje meezit. Rijst wordt handmatig gedorst, en wat overblijft zijn rijstkorrels en rijststro. Dat moet gedroogd worden. Waar beter dan op een schone, harde ondergrond? Op de openbare weg dus. Het gevolg is, als je er langs moet, dat je voorzichtig laverend langs en soms door de oogst fietst. Kom over vijftig jaar, en het zal nog steeds zo gaan.

Harvest drying in the streets, Vietnam IMG_8549

Aandoenlijk is ook de manier waarop met nieuwe verworvenheden wordt omgegaan. Een spoorwegovergang bijvoorbeeld. Geen slagbomen of rinkelende waarschuwingsbellen, maar een man op een stoel die, als hij tenminste niet net in slaap is gesukkeld, opstaat en het verkeer tegenhoudt als een trein nadert.

2. Guarded railway crossing Vietnam © Hans de Clercq 2016 IMG_8754 FB

Tot slot een beeld dat je in Hanoi vooral in de koele ochtenduren aantreft: vogelaars die hun gekooide zangvogels tentoonstellen en luisteren naar hun zang. ‘In Vietnam, the sight of bird cages paints the traditional picture of a rich man relaxing with his birds,’ schrijft Le Quy Minh, een expert op het gebied van vogels en een van Vietnams beroemdste vogelaars. ‘Birds are expensive and time-consuming and those that keep birds do so to show that they are able to lead the life of a relaxed, romantic, rich man.’ Dat mag zo zijn, maar voor westerlingen, of in elk geval voor mij, blijft het een treurige aanblik, zo’n vogel in een kooi waar hij zijn vleugels niet kan uitslaan. Niet alle tradities verdienen navolging. Vogels horen in een tuin, ongekooid, en zingen wanneer het hen uitkomt.

10. Birdlovers IMG_8921

Vertellen over Vietnam is onbegonnen werk. Teveel, en te divers. Bovendien: ik ben weer thuis. De reis is voltooid. Ik reed 3687 kilometer waartoe ik 225 uur en 40 minuten in het zadel zat en verloor 6,5 kilo lichaamsgewicht. In ruil daarvoor zegden talloze vrienden en kennissen toe mijn rit te willen sponsoren: meer dan tienduizend euro is toegezegd (en deels al overgemaakt) als steun voor de voedselprojecten van Stichting Duniya. Driewerf hoera! en dank aan iedereen die heeft willen bijdragen. Binnenkort krijgen jullie een mail met bericht waarheen het toegezegde bedrag over te maken.

En hoe ging de reis terug? Er leek op Hanoi Airport een stevige kink in de kabel te komen toen mijn fiets niet onverpakt mee mocht. Jaren geleden waren Mirjam en ik al eens, na een maandenlange fietstocht door Zuidoost-Azië, vanuit Hanoi teruggevlogen naar Nederland, de fietsen provisorisch beschermd met wat bubbeltjesfolie op de kwetsbaarste plekken. Maar de regels zijn aangescherpt, fietsen móeten in een doos, maar dat hoorde ik pas toen ik mij, netjes drie uur voor vertrek, op de luchthaven meldde. Even leek het erop dat ik m’n fiets moest achterlaten, tot een kiene baliemedewerker bedacht dat als je een koffer kunt laten sealen, dat toch ook met een fiets moet kunnen? We scharrelden wat karton bij elkaar, en twee sealers togen, onder aanvoering van hun cheffin en het toeziend oog van de politie, aan het werk met hun enorme rol vershoudfolie.

11. Fiets inpakken IMG_8977

En zo kwam alles toch nog goed. Toen ik op Schiphol het pakket moeizaam balancerend op het bagagekarretje langs de douane loodste kreeg ik een goedkeurend opgestoken duim en een hartelijk welkom van de man met de pet. En aan de andere kant van de glazen deur stond mijn geliefde Mirjam. Ja mensen, het leven is mooi.

12. Fiets ingepakt IMG_8991

193. Een Minder Dagje

Misschien was het de hitte, of de vermoeidheid die zich langzaam in je lijf begint te nestelen. Of toch gewoon iets verkeerds gegeten? In India noemden we dat Delhi Belly. Hoe heet het in Vietnam? Hoe je het ook noemt, het effect is hetzelfde, en de oplossing ook. Je zoekt een kamer met wc en douche binnen handbereik en trekt je 48 uur terug om in alle rust beroerd te kunnen zijn.

En het ging toch zo lekker. Ruim twee maanden onderweg, eindeloos veel meer gezien en beleefd dan je in blogs of sociale media kunt vertellen, terwijl je je toch hebt voorgenomen het thuisfront zo goed mogelijk op de hoogte te houden. Vaak stoppen, afstappen, notitieboekje pakken en ’n paar kernwoorden noteren zodat je ’s avonds nog weet wat het was dat je wilde vertellen. Maar vaak ben je ’s avonds te moe van de dag en de volgende ochtend gaat om 05:45 de wekker, je wilt vroeg op pad, gebruik maken van de relatief koelere ochtenduren. En je bent niet de enige. In de dorpen en steden gaan de mensen vroeg de straat op, zeker in deze extreem hete periode. Ze beginnen bij het eerste hanengekraai met handel, doen hun rek- en strekoefeningen, vegen het portiek en hangen de vogelkooien buiten. En ze kijken op van hun bezigheden en zien een grote blanke kerel op de fiets, steken een hand op in groet, een brede glimlach wordt je deel, en die ene fractie van een seconde zoemt nog lang na als je allang verder bent, weg uit hun leven.

Fietsen is de enige manier om dichterbij je omgeving te komen. Geur, beweging, geluid, niets ontgaat je. Ik herinner mij een van mijn eerste fietstochten door Frankrijk, toen ik op een dorpspleintje in gesprek was geraakt met een politieagent. Het ging over de kaas die daar in de buurt gemaakt werd, en toen ging het opeens over postduiven. Of ik wist hoelang zo’n dier er over deed om van Amsterdam naar dit dorp te vliegen? Met pretoogjes keek hij me aan. Ik had er inmiddels bijna duizend kilometer op zitten. Hoelang zou zo’n beestje daarover doen? Ik schatte vijftien uur. De man sloeg zich op de dijen van plezier. Vijftien uur? Mais non! wist ik dan niet dat een duif wel 130 km per uur kon vliegen? Binnen acht uur was hij thuis! Na dit lesje klom ik in het zadel en na een welgemeend bonne route vervolgde ik mijn weg. Mag je dit onder contact verstaan? En dan nog: wat is de waarde van zo’n ontmoeting? Daar kan ik lang over napuzzelen. Heb er geen eensluidend antwoord op, behalve dat ik die schijnbaar betekenisloze herinnering koester. Ships passing in the night, en dan zacht in begroeting naar elkaar toeteren, zoiets.

Hier in Vietnam, de talloze vluchtige ontmoetingen die ik had. Het echtpaar dat in een heupdiepe waterpoel onderaan het taluud met een visnet in de weer is. Hij op z’n blote voeten, zij in rubberlaarzen, helm en gezichtsmasker nog op. Langzaam slepen ze het net door het water, Slakkenvangers1 IMG_8615 en aan het eind gekomen trekken ze het omhoog. Niets, denk ik. Er zit helemaal niets in. Maar dan klauteren ze omhoog en plukken de vangst tussen de mazen vandaan: slakken. Tientallen dikke slakken, verstopt in hun huisje. Zij pakt een zware kunststof zak waar zo te zien varkensvoer in heeft gezeten, en stopt er de vangst in. Ook kleine spartelvisjes gaan mee naar huis, niet meer dan een paar centimeter groot. Alles is voedsel als je het niet breed hebt. We praten wat, over slakken en over mijn fiets, in talen die de ander niet verstaat. Dan een handdruk, een glimlach, en we gaan verder met ons leven.

Slakkenvangers 2 IMG_8621

Of de familie die dunne rijstcrackers maakt. Van verre al zie ik witte rook uit de openstaande ramen van hun huis komen, dat pal aan de weg ligt. De voorkant is open, naar de weg gekeerd. Er staat een koelkast met water en frisdrank. Ik stop, veeg het zweet van mijn gezicht en koop een fles water. Brood1 IMG_8207 Dochter bedient, de rest is te druk met de rijstcrackers. Vader zit achter de bakplaat, die door de zoon wordt gestookt met zaagsel. Flinterdun wordt het beslag uitgesmeerd, waarna er een conische deksel op wordt gezet. Terwijl de cracker stoomt, smeert vader een nieuwe laag. Het deksel wordt op de nieuwe beslaglaag gezet en moeder hevelt de flinterdunne, gestoomde koek over naar een rieten droogrek dat, eenmaal vol, buiten in ze zon gelegd wordt waar de crackers kunnen drogen. Ik zit ruim een kwartier bij ze. In die tijd maken ze zestig crackers. Dan is de puf er even uit, vader komt achter het fornuis vandaan en is er tijd voor een gebarentaalpraatje. Daarna een opgestoken hand in groet, en gaat ieder zijns weegs.

Brood2 IMG_8196

Het waait hard, de rode vlaggen die de brug decoreren wapperen en knallen. Als ik moeizaam tegen de zijwind in tegen de steile brug omhoog trap zie ik de oude man, een zak op de rug. De wind pakt hem, drukt hem tegen de railing. Hij vermant zich en gaat verder, stap voor kleine stap. Ik haal hem in en op het hoogste punt van de brug stap ik af. Langzaam komt hij nader. Een brede glimlach. En dan, in halfvergeten Frans, hoe het mij gaat, waarheen ik op weg ben. Dan over hem. Alles heeft hij meegemaakt, en overleefd heeft hij ze allemaal. De Fransen, de Jappen, de Amerikanen. Nu houdt hij zich in leven met het oprapen van lege plastic flessen en bierblikjes. Ten afscheid een handdruk en wat geld om zijn dag dragelijker te maken. Een tevreden grijns als dank.

Old Man crossing the bridge  IMG_8533

Dat vrouwtje die zich, zoals vrijwel al haar seksegenoten, als een mummie inpakt als ze naar buiten gaat. Lange mouwen en handschoenen alsof het vriest, maar het is 35°C. Een wikkelrok over een lange broek en een mondkap. Anderen dragen een gezichtsmasker waar alleen de ogen zichtbaar zijn, alsof ze een nikab dragen. Maar er zit geen religieus decreet achter. Dressed IMG_8432 2 FB Het is veel eenvoudiger: angst voor de zon. Het ideaalbeeld is een blanke huid, en de zon moet koste wat kost buiten de deur gehouden worden. Stel je toch voor dat je huid donker wordt: je ziet eruit als een landarbeidster! Zonder schroom krijg ik het te horen, als ik er naar vraag doet, na enig gegiechel, niemand geheimzinnig over het ideaal van de bleke huid. Het vergroot je kansen op de huwelijksmarkt, het verhoogt je sociale aanzien. Het klassebewustzijn in Azië is enorm, de angst om voor lager geschoold aangezien te worden is alomtegenwoordig. Weg dus, met die huid, veilig achter doeken en mombakkes. En ook al glimmen de oogjes van pret, je hebt geen idee hoe ze er uitzien, achter hun vermomming.

Covered face IMG_8597

Waarom beklim je die berg, was de vraag aan de bergbeklimmer. Waarop hij antwoordde: omdat hij er is. Waarom maak je zulke lange, soms tergend moeizame fietstochten? vraag ik mijn spiegelbeeld. Ik aarzel. Om mijzelf uit te dagen? Te bewijzen dat ik het op deze leeftijd nog aankan, zelfs in deze absurde hitte? Om de ontmoetingen, de verrassing, het avontuur? Ja, dat alles, en meer: om te confrontatie met mijzelf aan te gaan. Om Emerson te parafraseren: it calls into action the will, man measures man. Dat is mijn doel. Om alles uit het leven te halen en respectvoller met dat leven om te gaan, mijzelf beter te begrijpen, rustiger te worden, beschouwelijker, wijzer. No journey carries one far unless, as it extends into the world around us, it goes an equal distance into the world within , aldus de Amerikaanse schrijfster Lillian Smith, en zij schreef wat ik mijn spiegelbeeld had moeten antwoorden.

Ja, het ging lekker, ruim twee maanden zonder problemen. En dan is er opeens een mindere dag, je lijf protesteert, darmen zijn in de war, en je zoekt een kamer met wc en douche binnen handbereik en trekt je 48 uur terug om in alle rust beroerd te kunnen zijn. Je maakt met gebaren, onhandige tekeningetjes en Google Translate aan het meisje van de receptie duidelijk dat je een paar bananen wilt en wat yoghurt, en een half uur later klopt ze op de deur met een zak eten, genoeg om een familie te voeden. Dat realiseer je je ook, als je zo zwak bent: straks moet er weer iets in, het lichaam heeft brandstof nodig, anders werkt het niet.

Voedsel IMG_8696

En zo is het tot slot een mooi bruggetje naar Miles 4 Meals, dat andere, minder filosofische, maar zeker niet minder belangrijke waarom van deze fietstocht: om geld in te zamelen voor onze voedselprojecten in India en Vietnam. Een vast bedrag voor elke kilometer die ik afleg tot eindpunt Hanoi.
De teller is bijgewerkt: meer dan tienduizend euro hebben we toegezegd gekregen! Teller En wie wil kan nog meedoen: ik ben er nog niet helemaal. Nog één dag in Ninh Binh, waar ik sinds gisteren ben, en dan gaat het naar Hanoi. Dan is de race nog niet gelopen, ik heb wat afspraken daar, en dat ga ik heel consequent op de fiets doen. Over ’n dag of vijf, zes kom ik met de definitieve eindstand. Tot dan kan iedereen die het eigenlijk wel zou willen maar het nog niet heeft gedaan alsnog meedoen aan de M4M actie. Zie het kader hieronder. Dank aan allen die bijdroegen, en dank aan hen die het op de valreep alsnog zullen doen!

_________________________________________________________________________
duniya-websiteDe sponsortocht loopt op z’n eind, over enkele dagen bereik ik Hanoi.

Wil je nog meedoen? Kan! De (uiterst eenvoudige) spelregels vind je op de sponsorpagina van Stichting Duniya. Dank!

_________________________________________________________________________