209. De Films van 2017

Definitie van film kijken: je gemoed uitlenen aan andermans verhaal, een ander leven, en benieuwd zijn hoe je het twee uur later terugkrijgt. Toch hoorde ik iemand onlangs zeggen: liever een boek. Waarom? Een film vertelt wát er gebeurt, een boek vertelt waarom. Kort door de bocht, maar toch, prikkelend. Ik laat het voor wat het is, en blijf beide media onmisbaar vinden. Verhalen wil ik, en verhalen zal ik krijgen, indachtig de Duitse filosoof Peter Sloterdijk, volgens wie we niet kunnen leven zonder verhalen, omdat ze zin geven aan een verder zinloze wereld.

_________________________________________________________________________

A Most Wanted Man (Anton Corbijn 2014).
Zwanenzang van de betreurde Philip Seymour Hoffman. Meer dan verdienstelijke verfilming van een verhaal van John le Carré. Hoffman in de rol van de chef van een Duitse anti-terreureenheid, die in Hamburg is geplaatst na een buiten zijn schuld mislukte missie in Beiroet. Een man die zich verdooft met whisky maar nooit rust, getergd als hij is door het verleden. Wanneer een illegale Tsjetsjeen in Hamburg arriveert laat hij hem volgen om uit te zoeken of hij contact legt met een mogelijke terrorist. Veel bekende ingrediënten (machtsmisbruik, bedrog, dubbele agenda’s), maar verassend origineel gedraaid door Corbijn, die uitgebreid de tijd neemt zijn karakters secuur te schetsen en shots mooi te kadreren en uit te lichten. En opnieuw besef je wat we met de dood van Hoffman zijn kwijtgeraakt.

_________________________________________________________________________

I, Daniel Blake (Ken Loach, 2016).
Een timmerman op leeftijd moet stoppen met werken na een hartaanval en is aangewezen op een uitkering, maar dan blijkt dat het Britse bijstandssysteem het met allerlei Kafkaëske regels de financieel afhankelijken zo lastig mogelijk maakt. Zo wordt de zieke Daniel Blake gedwongen op zoek te gaan naar werk, ofschoon zijn arts waarschuwt dat werken zijn dood kan betekenen. Op een dag ontmoet hij de jonge alleenstaande moeder Katie, die met haar twee kinderen eveneens slachtoffer dreigt te worden van de harteloze uitkeringsmachinerie. Het tweetal sluit vriendschap en probeert zich te handhaven in hun uitzichtloze situatie. Onvergetelijk is een bezoek aan een voedselbank, waarbij de jonge vrouw uit pure honger een blik groenten open trekt, om vervolgens uit pure schaamte in tranen uit te barsten. Dit sociale drama van de ‘regisseur van de man in de straat’, de inmiddels 80-jarige Ken Loach, werd bekroond met de Gouden Palm in Cannes.

_________________________________________________________________________

The Straight Story (David Lynch, 1999).
Als Alvin Straight (Richard Farnsworth) hoort dat zijn broer Lyle (Harry Dean Stanton), met wie hij lang niet gesproken heeft, een beroerte heeft gehad, besluit hij tegen de zin van zijn volwassen, zwakbegaafde dochter Rose (Sissy Spacek) zijn broer op te zoeken in de hoop alles bij te leggen. Omdat hij slecht loopt en zijn ogen het laten afweten mag hij geen auto meer rijden en dus gaat hij op een oude grasmaaier met aanhangwagentje. Wat volgt is een moderne Odyssee, waarin, zoals in elke geslaagde road movie, de emotionele weg die de hoofdrolspeler aflegt belangrijker is dan de fysieke. Onderweg ontmoet hij mensen die hem helpen, die naar hem luisteren en aan wie hij zijn verhalen kwijt kan. Een ontroerende prachtfilm.

_________________________________________________________________________

The Salesman (Ashgar Farhadi, 2016).
The Salesman opent met een actiescène waarin we een echtpaar en hun buren in één lange take hun flatgebouw in paniek zien verlaten omdat het door bouwwerkzaamheden naast de deur dreigt in te storten. Het acteursechtpaar Emad en Rana moet noodgedwongen op zoek naar een nieuwe woning, en een collega van hun toneelgroep weet een appartement voor ze te regelen, maar er is een onduidelijke complicatie met de vorige huurster. Haar spullen staan er nog, maar ze ligt overhoop met de huisbaas en wil ze niet komen ophalen. Zo stappen Emad en Rana ongewild in een onverkwikkelijke zaak en ontspint zich allengs een verhaal over schaamte, schuld en wraak. De Iraanse regisseur Farhadi (die we kennen van A Separation, zie films 2014) gaat secuur en bedachtzaam te werk, het verhaal wordt rustig verteld, alles staat ten dienste van het acteerwerk. Het toneelstuk dat Emad en Rana met hun toneelgroep opvoeren is Death of a Salesman, de klassieker van Arthur Miller uit 1949, en een parallel laat zien tussen Millers drama en het filmverhaal, zoals ook het instortingsgevaar in het begin de naderende instorting van het huwelijk aankondigt.

_________________________________________________________________________

Paterson (Jim Jarmusch, 2016).
Jarmusch is zo’n regisseur die geen fout bij me kan doen, zijn originaliteit is onbetwist. In zijn nieuwste film laat hij, zoals Floortje Smit in De Volkskrant schreef, ‘de schoonheid van het onopvallende bestaan’ zien, waarin we buschauffeur Paterson (Adam Driver) een week lang volgen, van opstaan, ochtendkoffie en een kus voor zijn nog slapende geliefde, tot het eind van de dag als hij een rondje met de hond loopt en in de lokale bar zijn biertje drinkt. Elke dag hetzelfde, en elke dag borrelen er gedichten in hem op die hij in zijn geliefkoosde boekje noteert in keurige, gekalligrafeerde letters. Hij is beïnvloed door de dichter William Carlos Williams, die opgroeide in dezelfde wijk waar Patersons busroute loopt: Paterson, New Jersey, waarnaar hij vernoemd is. Het leven kabbelt en soms borrelt het, zoals de gedichten die opborrelen en genoteerd worden. Er gebeuren wel dingen, Paterson ontmoet mensen, kijkt naar ze, luistert naar ze, en Paterson heeft voor alles op zijn rustige manier aandacht en respect. Een juweel van een film. Vindt ook de Volkskrant: ‘Wie gelukkig wil zijn moet de wereld bekijken met een liefdevolle blik. Een film die dat voor elkaar krijgt is er een om te koesteren.’

_________________________________________________________________________

The Meyerowitz Stories (Noah Baumbach, 2016).
Baumbach heeft een beetje dezelfde thematiek als de vroege Woody Allen: getroebleerde familierelaties in een joods intellectueel New Yorks milieu. En deze film, een Netflix-productie en daarom niet echt onder de aandacht van een groter publiek gekomen, is een meesterproef in messcherpe observaties en vinnige ping-pong dialogen met Dustin Hoffman als de egocentrische, zich miskend voelende beeldhouwer Harold Meyerowitz, zijn alcoholistische derde echtgenote (Emma Thompson), zoon Danny, een geflopte musicus (Adam Sandler), halfzuster Jean, het intens ongelukkige lelijke eendje van de familie (Elizabeth Marvel) en halfbroer Matthew (Ben Stiller), als enige in de familie rijk en succesvol. Niet als kunstenaar, maar als financieel adviseur van de sterren in Los Angeles, en dat vindt de artistieke vader maar niets. De film beslaat een reeks hoofdstukken die soms verrassend plompverloren beginnen of eindigen, met als apotheose de hersenbloeding die vader Harold krijgt en de familie, niet zonder kleerscheuren, een beetje tot elkaar brengt. Een puntgave acteursfilm die lekker blijft nazoemen en onwillekeurig dat gedicht van Philip Larkin in herinnering roept met die pijnlijke eerste regels:

They fuck you up, your mum and dad.
They may not mean to, but they do.
They fill you with the faults they had
And add some extra, just for you

_________________________________________________________________________

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s