201. Blaffen of Bijten

Die extreme regens in Thailand mogen tot het verleden behoren, nu ik een stuk zuidelijker in Maleisië ben is het nog steeds een natte boel. Als het een beetje meezit zijn de ochtenden droog, maar in de loop van de middag trekt het dicht en begint het te plenzen. Dagritmes moeten hierop worden afgestemd, uitslapen is er niet bij, vroeg op pad en als het kan een bed voor de nacht geregeld hebben vóór de middagregens. Tot nog toe gaat het goed, maar ach, die arme bewoners, wat krijgen ze het voor de kiezen. Ik kom soms door gebieden waar kilometer na kilometer links en rechts van de weg alles onder water staat. Huizen niet meer met droge voeten bereikbaar, kleine buurtwinkeltjes en restaurantjes kunnen sluiten omdat klanten er niet bij kunnen. Tragiek alom.

dorp-overstroomd-img_9900

Ik reed negen jaar geleden ook door dit gebied, maar verbaas me hoe weinig ik me ervan herinner. Kan met leeftijd te maken hebben, maar ik houd het er maar op dat het gewoon zo werkt met je hersens. Niet alles kan onthouden worden, net als een boek dat je leest of een film ziet en een paar jaar later niet meer kunt navertellen. Ik vermoed dat de hersens zichzelf af en toe resetten. Wat overbodig is, of lijkt, wordt gewist of in minder snel toegankelijke krochten geparkeerd. Zodat je af en toe voor een verrassing komt te staan, hé, dit herken ik! Dat gebeurde me bij dit bord. Dit zag ik eerder, hier kwam ik destijds langs, vond het wel aardig, maar nu zijn de bakens verzet en niet zo’n beetje ook. Wat ik toen las als goedmoedige aanprijzing ervaar ik nu bijna als dreiging. Is het zo ook bedoeld? Dat de onderliggende boodschap hard is, en dwingend: islam for all of anders… Ik weet niet hoe het hier zit met religieus fanatisme, maar voor je het weet worden ook hier de messen geslepen.

islam-for-all-img_9897

Wie reist, ontmoet. Zoals ‘n paar dagen geleden, even adempauze in de schaduw, afdakje met een bankje, goede plek om te zitten en het lichaam tot rust laten komen. Vond ook een man met scooter. Helm af, praatje. Verrassend goed Engels, meestal blijft het steken in alle denkbare variaties op where you from en where you go, in het ergste geval wijs ik dan simpelweg richting zuid, ben je meteen klaar. Maar met hem was het goed praten. Van Indiase afkomst, dat was duidelijk. Welke voorouder ooit uit Tamil Nadu vertrokken was richting Maleisië wist hij niet precies meer, vier, vijf generaties? Hij was hier geboren en getogen, voelde zich op en top Maleier. Maar toch, maar toch… toen hij wilde trouwen moest hij zich tot de islam bekeren. Was altijd hindoe gebleven, van vader op zoon doorgegeven, vanzelfsprekende zaak, maar hij was de eerste generatie die buiten zijn cultuur wilde trouwen. En dan is het bekeren, of de zaak gaat niet door. IJzerharde regels, de staat zit er bovenop. Islam is, letterlijk, heilig.

Hij pakt z’n portemonnee, laat een identiteitsbewijs zien. ientiteitspasje-1img_10012 Onder zijn afbeelding staat dat hij Maleis staatsburger is, mannelijk, en islamiet. Als ik hem vertel dat het bij ons ondenkbaar is dat in je paspoort ‘christen’ zou staan, of misschien wel specifieker, katholiek, of protestant, lijkt hij het niet te begrijpen. Ik leg uit wat seculier betekent, dat bij ons kerk en staat gescheiden zijn. Hij schudt zijn hoofd. Werkelijk? Hoe heerlijk moet het zijn in zo’n land te leven. Ja toch? Naarmate we langer praten wordt hij steeds geagiteerder. Je móet hier islamiet zijn, anders kan je het vergeten, pruttelt hij. ‘Wat denk je, als je als niet-moslim met een moslimmeisje ergens zit te praten, alleen maar te práten, wat de politie dan doet?’
Ik kan het raden, maar vraag toch maar. Wat doen ze dan?
‘Ze pakken je op en gooien je in de cel. Ze mogen iedereen naar z’n papieren vragen, wanneer het ze maar uitkomt. En als je dan niet kunt aantonen dat je islamiet ben, nou, ben je nog niet jarig.’
Hij haalt een tweede identiteitskaart tevoorschijn, legt uit wat er staat. ‘Certificaat bekeerling’, staat er boven. identteitspasjes-img_10014 Zijn oorspronkelijke Indiase naam, Ravi, zoon van Ramu. En dan de datum waarop hij bekeerd is en wanneer hij officiel als islamiet in de boeken is gekomen. Drie jaar duurde het, waarin hij verplicht lessen moest volgen en examens afleggen. Gesubsidieerd, dat wel, glundert hij. Drie jaar lang een maandelijkse toelage, tot je officieel bekeerd bent.
Ik wil nog even terug naar dat samen op een bankje, jongen en meisje, zij islamitisch, hij niet, en dan de politie. Wat gebeurt er met dat meisje als ze thuiskomt? Zwaait er dan wat? Of erger? Hij begrijpt mijn vraag. Schudt zijn hoofd. Nee, eerwraak kennen we hier niet in Maleisië. Aarzelt even, en zegt: ‘nog niet. Maar het wordt steeds strenger, net als in Indonesië.’ Later, weer op de fiets, denk ik aan die leuze, Islam for all. Nee, zo onschuldig is dat niet.

En dan een heel ander soort ontmoetingen. ‘Kamers zijn ook te huur per dagdeel, of per uur,’ zegt de receptionist als ik incheck, en voegt er grijnzend aan toe: ‘you know, for happy time.’ Toegegeven, een van de allergoedkoopste hotels waar ik tijdens deze reis overnachtte, ik kwam aan in gietende regen en wilde onderdak, kon me niet schelen waar. Later, toen de regen voorbij was, op zoek naar een restaurant, zag ik in wat een groezelige buurt ik terecht was gekomen. Deed me aan een filmset denken. Wat zei ik nou net? Dat je niet alles kunt onthouden, en een boek of film een paar jaar later niet meer kunt navertellen? Hier het tegenovergestelde, ik maak een sprong in mijn herinnering, waan me in een scene in Joseph Heller’s fameuze roman Catch-22, waarin de hoofdpersonen Yossarian en Nately door nachtelijk Rome dwalen. De straat vol rotzooi, rook, autowrakken, hoeren, alles nat en vies. Hier voelt het ook zo. De straat is nat en vuil, naast een Chinees tempeltje gloeien bizarre, manshoge staven wierook, een paar huizenblokken verder hangt een rookkolom boven de stad alsof er oorlog woedt. Alles is gesloten, overal metalen rolluiken, het is Chinees Nieuwjaar, het leven lijkt tot stilstand gekomen.

ongure-buurt-1-img_10023

Dan een groepje vrouwen, schuilend onder een afdak tegen de laatste regen. Ze maken lawaai, alsof ze elkaar lang niet gezien hebben en nodig moeten bijpraten. Gierend lachen, harde stemmen, schril. Als ik door de uitgestorven straat kom aanlopen richten ze hun aandacht op mij, roepen me toe, eerst Maleis, daarna kreupel pidgin. You come? You nice time, yes? Een van hen steekt haar paraplu op en komt op me af, haar slippers weerklinken hard op het natte asfalt. Als ze ziet dat ik m’n iPhone in de hand heb en foto’s maak, draait ze met haar kont dat het een lieve lust is. Pas als ze dichtbij is zie ik de grove, mannelijke gelaatstrekken en hoor ik hoe diep haar stem klinkt. You come? Nice time, yes? Daar sta ik dan, in een uitgestorven straat in een Maleise achterbuurt met een transseksuele prostituee. Komt er dadelijk een gespierde pooier die me een ram voor m’n kop geeft? Wegwezen. Ik zeg beleefd dankjewel en loop verder, de straat uit, nét iets sneller dan normaal.

ongure-buurt-3-img_10025

Nog even over borden en leuzen langs de weg. De laatste tijd kom ik regelmatig een ander soort borden tegen: waarschuwingsborden, bij een woning, of bij een plantage met oliepalmen. Een dreigende beeldtaal. Wij doen het met aan beschaafd blauw-wit Verboden Toegang Artikel 461 bordje, hier dreigen ze kortweg met een kogel voor je kop. Zou het echt zo’n vaart lopen, of is het meer blaffen dan bijten? dreiging-1-img_9896 Maleisië kent nog de doodstraf voor verschillend vergrijpen, drugs onder andere, daar zijn ze net als Indonesië en Thailand niet kinderachtig mee. Hoewel, in Thailand wordt de doodstraf nog wel opgelegd, maar al sinds 2009 niet meer uitgevoerd. Ook Maleisië doet het rustig aan, regeringsbronnen melden dat dankzij een actieve groep Maleisische parlementsleden en de druk van het maatschappelijk middenveld (Bar Council, Amnesty International) een eerste voorzichtige stap gezet is die wellicht leidt tot volledige afschaffing van de doodstraf. dreiging-2-img_9901 Maar dit soort borden, kennelijk een particulier initiatief, hoe kan dat? Weerspiegelt dit de mening van een meerderheid of kan je hier gewoon zo’n raar bord laten maken en aan de erfgrens van je tuin ophangen? Het blijft puzzelen. Maar je kunt natuurlijk ook gewoon de proef op de som nemen. Heb ik gedaan, bij dat bord met die beesten, dat hing bij een reusachtig veld met oliepalmbomen. Moest nodig plassen. Fiets tegen een boom geleund, plas gedaan. Niets gebeurd. Geen schot gehoord, geen geweer gezien.

Verder gereden, de zoveelste regenbui tegemoet. Of achterna? Er hangt een reusachtig front boven Maleisië, en het is niet helemaal duidelijk of het noord- of zuidwaarts trekt. Raar ding, regen. Soms besluipt het je als een dief in de nacht, zien de wolken er niet dreigend uit, nietsvermoedend ga je een nat pak tegemoet. Maar meestal zie je het van verre aankomen, zoals op de foto hieronder. Kanak-Kanak roept het waarschuwingsbord. Kanak is kind, twee keer is kinderen, en sekolah is school. Dan kan je de rest er vanzelf bij bedenken. Oppassen, snelheid minderen, zo’n bord begrijp je meteen. In de verte de regen, daar heb je geen bord voor nodig, die waarschuwt voor zichzelf. Maar come rain or shine, we gaan door. Zuidwaarts!

onweer-en-regen-nadert-img_9892

2 thoughts on “201. Blaffen of Bijten

  1. Jij bent ijzersterk in ‘kleine grote verhalen’. Ravi met z’n identiteitskaart. Ik zie een boek met soortgelijke ontmoetingen met toevallige passanten. Mooi beeld. Mooie vertellingen. Meer niet. Klein en veelzeggend tegelijk. Mooi Hans! Kom je nu weer beetje deze kant op? 😉

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s