168. Lucky Dog

Ergens in de jaren zeventig ontstond in Nederland enorme ophef toen foto’s naar buiten kwamen hoe Zuid-Koreanen honden afmaakten, om ze vervolgens op te eten. De wereld was te klein. Dierenbeulen! scandeerde het volk verontwaardigd, daartoe kundig opgezweept door De Telegraaf, die, zo herinner ik het mij tenminste, in chocoladeletters KOREANEN MOORDENAARS op de voorpagina zette. Kan me voorstellen dat onder druk van deze volksmennerij de toenmalige minister van Buitenlandse Zaken de Zuid-Koreaanse ambassadeur op het matje heeft geroepen. Moet een rare conversatie geweest zijn. Zeg, dat gedoe met die honden bij jullie… Ach mijnheer, zo doen we dat in Zuidoost Azië. Kijk eerst eens naar jezelf, jullie eten rauwe vis! Denk niet dat de minister daar van terug had.

Toen wij in Vietnam voor het eerst op een markt honden op het hakblok zagen, keken we toch vreemd op, ook al hadden we al veel raars gezien op dat gebied. De Chinese bezetters in Tibet, wat die zoal op hun bord schepten ging ons vaak de pet te boven. Maar we kenden de wereld goed genoeg om met de nodige nuance te oordelen. Hand in eigen boezem, heet dat. Wat wij Nederlanders jaarlijks aan plofkippen over de kling jagen… meer dan vijfhonderd miljoen hanslcv-7 verzwakte, kreupele dieren die zes weken een ellendig leven leiden alvorens geslacht te worden. Enige bescheidenheid is dus op z’n plaats als we over eetgewoontes van anderen mogen oordelen.
Maar toch. Die honden in Vietnam. Getransporteerd achter op scooter of motorfiets, verkocht op markten en dan in de pot. Deze foto maakte ik in 2007, toen we op weg waren naar het noorden voor een operatiekamp. Zo’n aardige, vrolijk lachende kerel en achterop dat hondje, nietsvermoedend. En dan zeiden we tegen elkaar: als we zo’n dier nou vrijkopen, wat dan? Rare, lastige verstrengeling van ratio en emoties.

Tot vorige week. Toen gebeurde het warempel tóch. We waren in een dorpje geweest om een voormalig patiëntje te bezoeken, Lo Thi Nang. Als baby in het vuur gevallen en ernstige brandwonden aan haar handen. Nooit verzorgd, geen dokter in de buurt. Vingers vergroeid, onbruikbare handen. Stichting Duniya financierde meerdere operaties, alles ging goed, ze kan haar vingers weer bewegen, leerde schrijven, nu zit ze op school in een naburige stad. Daar zoeken we haar op. Gaan naar haar dorpje, bezoeken haar ouders in een traditionele paalwoning tussen de rijstvelden waar buffels grazen en eenden snateren in de modder. Het echte Vietnam dat voor de meeste buitenlandse reizigers verborgen blijft. Als we Lo Thi Nang terugbrengen naar school besluiten we te gaan lunchen. En daar gebeurt het.

Twee jonge kerels op een motorfiets. Een van hen heeft een rieten mand op de rug met een hond, vastgebonden met een dunne ketting die strak om haar hals zit. Een van hen loopt naar binnen en vraagt de eigenaar van het restaurant of hij de hond wil kopen. Die moet er nog even over nadenken, blijkt dat in zijn restaurant geen hondenvlees geserveerd wordt, maar voor privé gebruik, daar heeft hij wel oren naar. De jongeman die het dier draagt heeft de rugmand afgedaan en op de grond gezet. Het IMG_4603 hondje kijkt nieuwsgierig om zich heen, ogen helder, oren gespitst. Mirjam staat op van tafel, wil het dier aaien, eerst voorzichtig, je weet maar nooit. Nog geen twee minuten later heeft ze hem uit de mand gehaald en op schoot. Het dier geniet zichtbaar van de aanraking, legt zijn kopje tegen haar aan, maar blijft alert, de minste beweging van iemand anders of ze zit rechtop, de oren gespitst. Naast Mirjam zitten twee vrouwen van de Lu stam, de etnische minderheid waartoe ook Lo Thi Nang behoort. Ze wijzen op het hondje, kijken naar Mirjam en wijzen vervolgens op hun mond, het aloude gebaar van eten. Mirjam schudt haar hoofd. Nee, we gaan haar niet eten maar vrijkopen.

Hond1 72_IND0043

De zaak is gauw beklonken. Aan wie ze het dier verkopen zal de jonge kerels een zorg zijn, als ze maar krijgen wat ze voor de hond willen vangen: 600.000 Vietnamese Dong. Iets meer dan 22 euro. We rekenen af, en daar staan we dan, in een bergdorpje in Noord-Vietnam, met een hond. Wat nu? Mirjam wil al jaren een hond thuis, dit zou het moment zijn, maar we moeten realistisch zijn. Inentingen, papieren, een hoop red tape en dan nog dat vliegtuig, overstap in Bangkok… nee, geen goed idee, wat een stress voor zo’n beestje. Dan een brainwave. Waarom geven we haar niet aan Lo Thi Nang? Ruimte genoeg in die paalwoning, ze hebben varkens en eenden, daar kan toch een hond bij? We vragen het haar en ze hoeft er geen seconde over te denken, haar appelwangen kleuren rood van opwinding. Een hondje? Ja! Graag!

Eerst moet ze haar ouders vragen of het dier mee naar huis mag. Gelukkig is de moderne tijd een klein beetje doorgedrongen in deze afgelegen dorpen, veel bewoners hebben een mobiele telefoon. Ze belt. Mag het? Dan, enthousiast, ja! Het mag!

Hond2  72_IND0046

Maar dan het probleem: hoe krijgen we die hond naar het dorp waar we eerder die ochtend waren? Een wandeling van meer dan een half uur, twee keer een riviertje oversteken en dan tegen een heuvel op… Lo Thi Nang kan zelf niet, ze moet terug naar school waar ze intern is, alleen in het weekeinde gaat ze naar huis. Er wordt druk gedebatteerd, en de oplossing is simpel: de jongens die het dier aan ons verkochten, die kunnen toch met de motor naar het dorp?

Hond3 72 _IND0049

Ook nu is de zaak snel afgehandeld, dat duurt in Vietnam nooit lang, dit is het land van de snelle beslissingen. Extra betalen? Welnee, nergens voor nodig. Weten ze waarheen ze het dier moeten brengen? Natuurlijk, iedereen kent hier iedereen en weet waar iedereen woont en als iets niet duidelijk is wordt het uitgelegd, die kant op, twee keer de rivier over en dan tegen de heuvel op eerste paalwoning links.

Hond4 72 _IND0051

Daar gaan ze. Samen met Lo Thi Nang zwaaien we de hond uit. Hoe weten we zeker dat de jongens het dier ook bij haar thuis afleveren? Dat ze niet, zogauw wij uit zicht zijn, het beestje ergens anders opnieuw te koop bieden en dubbel verdienen? Nee, geen sprake van, zegt onze partner Dong An. Zo werkt dat niet. Afspraak is afspraak. Bovendien, zegt hij lachend, we hebben de foto’s toch? Volgend jaar komen we terug en kijken hoe het met de hond gaat. Alles komt goed, zegt hij zelfverzekerd, en herhaalt het met zijn favoriete stopwoordje: sure, alles komt goed.

We kijken de motorfiets na. Alles komt goed, zeggen we zacht als ze uit zicht verdwijnen. Voor de hond komt het zeker goed. Ze zal in leven blijven en opgroeien tussen de rijstvelden. We weten het echt wel, honderden honden zullen er nog gegeten worden in dit dorp. Maar soms moet je je hart volgen. Dit dier had gewoon mazzel. You lucky dog.

Hond5 72 _IND0058

2 thoughts on “168. Lucky Dog

  1. Mooi verhaal Hans. Net wat je zegt, het is bij ons niet veel anders, alleen eten wij geen hond.
    Hartelijke groet vanuit “Het altijd mooie Giethoorn” Tiemie en Appie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s