135. Doen Alsof

Volgende week gaan we weer op pad, dit keer naar ons project in Vietnam. Er worden vijfhonderd kinderen gescreend voor de operatieronde die we voor september gepland hebben. Of misschien wordt het oktober? Maar nu eerst, in de onsterfelijke woorden van Monty Python, and now for something completely different: een verhandeling over acteurs die doen alsof ze musici zijn.

Ik kwam er op omdat er een nieuwe film in aantocht is die alom bejubeld wordt om zijn naturel en geloofwaardigheid: A Late Quartet, over een strijkkwartet dat na 25 jaar dreigt op te houden met bestaan omdat de cellist moet afhaken wegens gezondheidsproblemen. Het daaropvolgende machtsconflict tussen de overige leden van het kwartet is, naar ik begrepen heb, de rode draad van het verhaal. “Een traktatie voor liefhebbers van klassieke muziek”, en “een inkijkje in de dynamiek van een strijkkwartet”, jubelde NRC Handelsblad. Ik moet de film nog zien, maar heb op voorhand zo mijn reserves. Waarom? Omdat het acteurs zijn die doen alsof ze musici zijn, en dat is vragen om moeilijkheden.

Hoewel, laat ik er meteen bij zeggen dat er plenty films zijn waar de acteur volstrekt overtuigend is in zijn rol als musicus (of muzikant?), maar daar gaat het vrijwel zonder uitzondering om pop- of countrymuziek. Joaquin Phoenix zette een sterke Johnny Cash neer in Walk the Line, Robert Duvall overtuigde als Mac Sledge in Tender Mercies en Val Kilmer wás Jim Morrison in The Doors. De veelzijdige Jeff Bridges is zoals gebruikelijk buitencategorie. Hij deed in Crazy Heart niet alsof, maar speelde en zong zelf, en goed ook.

Maar het gaat in dit betoog om klassieke muziek. Laten we het genre gemakshalve in drie categorieën verdelen: zang, het bespelen van een instrument en het dirigeren van een orkest. Om bij de eerste te beginnen: zingen is geen probleem. Kwestie van goed playbacken, dan lukt het wel. En dan bedoel ik niet de mierzoete Bollywood producties, die zijn dermate onzinnig dat het buiten elke categorie valt. Nee, eerder denk ik aan West Side Story. Het waren echt niet Natalie Wood en Richard Beymer die als Maria en Tony in de bruidswinkel het prachtige One Hand, One Heart zongen. Maar perfect lip sync was het wel.

Dan de tweede categorie: dirigeren. Een verhaal apart. Het meest recente voorbeeld dat ik ken van een acteur-die-doet-alsof-hij-dirigeert is Copying Beethoven met Ed Harris als het dove genie. De acteur is overtuigend geschminkt en lijkt treffend op het beeld dat we van Beethoven hebben, maar het dirigeren van de 9e symfonie is een tamelijk zotte vertoning, met een leerlinge die hem vanuit de coulisse de maat voordoet omdat de meester doof is. Dan kan hij toch zijn eigen partituur lezen? denk je dan. Bovendien, maar dat is een afdwaler, irriteerde het mij enorm dat Ed Harris desgevraagd bekende nog nooit de 9e te hebben beluisterd. Een acteur die Beethoven gaat spelen maar nog nooit diens beroemdste werk heeft gehoord! Onbegrijpelijk vond ik dat, een soort cultuurbarbarisme dat bestraft zou moeten worden door hem die rol níet te geven. Maar dit terzijde.
Nee, de allerberoerdste imitatie van een dirigent is zonder twijfel de Poolse acteur Daniel Olbrychski, die in Les uns et les autres doet alsof hij de 1e symfonie van Brahms dirigeert. Kennelijk heeft hij naar wat filmpjes van dirigenten gekeken en besloten alle registers tegelijkertijd open te trekken. Alle extreme grimassen en cliché’s van gebalde vuisten worden vanaf de eerste maat in de strijd geworpen. Ik herinner me dat ik deze film in de jaren tachtig in de bioscoop zag en zó moest lachen dat mensen zich geïrriteerd omdraaiden en mij sissend maanden stil te zijn. Nu, dertig jaar later, zie ik het fragment terug en ik vind het nog steeds een zotte vertoning.

De derde en moeilijkste categorie is doen alsof je een instrument beheerst. Talloos zijn de voorbeelden van acteurs die doen alsof ze gitaar of viool spelen waarbij de vingers niet of nauwelijks over de snaren bewegen. Je hoort een melodie, maar de vingerzetting correspondeert er niet mee. Het ergste geval wat me te binnen schiet is de actrice Maryam d’Abo als celliste in de Bondfilm The Living Daylights. Ze ragt met de strijkstok over de snaren, maar de vingers van haar linkerhand staan stil. Als kijker voel je je dan toch in de maling genomen? Uitzondering op de regel is de volstrekt geloofwaardige vertolking van Adrian Brody als de pianist Wladyslaw Szpilman in The Pianist van Roman Polanski. Szpilman is ondergedoken in de ruïnes van het getto van Warschau. In een zoektocht naar voedsel stuit hij op een Duitse officier. Als de uitgehongerde Szpilman uitlegt dat hij pianist is, brengt de officier hem naar een piano. Laat maar horen, zegt hij. En Szpilman speelt de ballade no.1 Opus 23 van Chopin, met ijskoude vingers en winteradem die uit zijn mond wolkt. De militair is geroerd en besluit de pianist in zijn onderduik te helpen door hem regelmatig voedsel te brengen. De acteur Brody leerde naar verluidt voor zijn rol voldoende piano te spelen om deze scène overtuigend te spelen, en verder wordt er natuurlijk gebruik gemaakt van een hand stand in

Maar wat nu staat ons te wachten met A Late Quartet? De tijd zal het leren, maar ik heb wat moeite met de casting. Philip Seymour Hoffman als tweede violist gaat nog wel, die man is zo veelzijdig dat alles hem goed afgaat. Maar dan de eerste violist: Mark Ivanir. In álles ziet hij eruit als de Oost-Europese boef die hij in diverse films gespeeld heeft. Lastig, zo’n man geloofwaardig met een viool in de weer te zien. Maar echt een probleem wordt het met Christopher Walken, die doet alsof hij de cello speelt. Lieve help. We leerden hem kennen als Diane Keatons suïcidale broertje in Woody Allens Annie Hall, en zagen hem kort daarna terug in The Deer Hunter, waarin we opnieuw het psychologisch minder stabiele karakter zien doorschemeren die hij in latere films vaak zou vertolken. Hou me ten goede, ik vind hem een groot acteur, en het dierbaarst is hij me als kleine kruimeldief in het alleraardigste $5 a day, maar als cellist in een gezelschap dat Beethovens veertiende strijkkwartet opus 131 speelt? Oei…

Welaan. Het wachten is tot A Late Quartet hier vertoond wordt. Maar ik moet toegeven, ondanks mijn reserves, de trailer ziet er puik uit. Dus wie weet valt het allemaal wel mee. Maar Christopher Walken met z’n sinistere boevenkop aan de cello? Het zal erom spannen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s