99. Een Kwestie van Beschaving (slot)

Komt een man in de kosjere broodjeszaak Sal Meijer in Amsterdam. Goedemorgen rabbi, zegt Meijer, wat zal het wezen? Broodje pekelvlees graag, zegt de rabbijn. Na enige tijd komt Meijer terug, zet vijf identiek uitziende broodjes op tafel en zegt: rabbi, een van deze broodjes is kosjer, de rest niet. Als je raadt welke de kosjere is, mag je hier een jaar lang gratis komen eten. De rabbijn schiet in de lach: dat is dan makkelijk verdiend, want kosjer vlees is lekkerder dan niet kosjer vlees. Ja, zegt Meijer, ik heb gehoord dat u het verschil kunt proeven. Natuurlijk kan ik dat, zegt de rabbijn, ik proef blind of het dier onverdoofd geslacht is of niet. Hij pakt een van de broodjes, neemt een hap en roept glunderend: deze hier! deze is kosjer! Vraagt Meijer: dat weet je zeker? De andere hoef je niet te proeven? Nee, zegt de rabbijn, ik weet het zeker. Dit vlees is zó lekker, dat is van een onverdoofd geslacht dier. Zegt Meijer: wat ben jij nou voor achenebbisje rebbe? Ze zijn geen van allen kosjer!

Ja, flauw. Maar het ís dan ook geen mop. Dit zou echt gebeurd kunnen zijn, met in de hoofdrol Rabbijn Evers, geestelijk leidsman van de Joods orthodoxe gemeenschap in Nederland. Enige tijd geleden zag ik deze Evers op de televisie achter een kosjer broodje in genoemd restaurant, alwaar hij met ernstig gezicht beweerde dat vlees van een onverdoofd geslacht dier beduidend lekkerder is dan dat van een dier dat verdoofd geslacht werd. En dat als het verbod op onverdoofd ritueel slachten door de Tweede Kamer zou komen, hij ofwel vegetariër zou moeten worden, of serieus zou overwegen naar het buitenland te emigreren. ‘Want’, zo sprak hij gekweld, ‘400 jaar tolerantie jegens ons Joden wordt teniet gedaan. Als wij niet volgens onze religieuze voorschriften kunnen leven, hoe moet het dan verder met ons?’ En hoofdschuddend: ‘Nederland, het eerste land in de westerse wereld waar sprake was van godsdienstvrijheid, dreigt het joodse bestaan binnen haar grenzen te vernietigen.’

Ik schrok toen niet lang daarna een artikel in de Volkskrant verscheen met een wel heel rare kopregel. Wacht even, dacht ik, waar gáát dit over? Waarom zou je in de stress raken als de samenleving van mening is dat een middeleeuws wetsartikel niet langer getolereerd kan worden? En wordt het niet tijd dat we het begrip godsdienstvrijheid eindelijk eens onder de loep te leggen? Nee! zeggen de Joden. Het gaat over een goddelijk decreet, en daar mag niet aan getornd worden. En als jullie ons het recht ontzeggen om volgens Gods opdracht onverdoofd te slachten, dan is dat een schending van onze godsdienstvrijheid, en waar moet dat dan eindigen? Soms ook nog een verbod op besnijdenis? Ja, dacht ik stiekem, lijkt me een goed idee. Maar dit terzijde.

Daags voordat het wetsvoorstel in stemming zou worden gebracht werden de loopgraven betrokken. De leden van de Tweede Kamer kregen een brief van het Nederlands College voor Rabbinale Zaken. De toon was dramatisch: Wij, Nederlandse rabbijnen en opperrabbijnen, worden geconfronteerd met ouderen die bang worden en die zich afvragen wat de volgende wet gaat worden die hun gaat beperken in hun geloofsleven. Oei, wat een arglistige redenatie. Een schoolvoorbeeld van machiavellisme. Alsof een verbod op onverdoofd slachten de opmaat zou zijn tot een tweede holocaust. Lieve help, hoe kan je dan nog een serieus gesprek aangaan?

Toch heb ik het geprobeerd, en Rabbijn Evers gebeld. Hoe zit dat nu toch precies met die godsdienstvrijheid, vroeg ik hem. Waar stáát dat dan, dat jullie onverdoofd moeten slachten. Deuteronomium 12:21, antwoordde de rabbijn. Nee, wierp ik tegen, daar staat dat God zegt dan zult gij slachten zoals ik u geboden heb, maar er staat niet wát hij geboden heeft. Waarop een verbluffend staaltje religieuze logica volgde. “Het staat niet in de bijbel, maar in de Misjna, de mondelinge leer. God heeft Mozes instructies gegeven in de vorm van de Thora en de Misjna is een mondelinge uitleg van de Thora. Maar omdat de mensen die mondelinge leer niet kon onthouden heeft rabbi Jehoeda Hanassi in het jaar 200 jaar na het begin van de gewone jaartelling alles op schrift gezet. En in de Misjna staan alle voorschriften en wetten waaraan de Joden zich moeten houden.’
“Dus ook hoe je moet slachten?”
“Ja, vanzelfsprekend.”
“Maar als het tweehonderd jaar na dato is opgeschreven, dan is het toch geen goddelijk decreet? Dan is het toch gewoon iets dat later door jullie zelf bedacht is?”
“Neen! Natuurlijk is het een goddelijk decreet! De mondelinge leer is de essentie van het Jodendom, en daar moeten wij ons aan houden.”

Tegen zoveel blinde rariteit kan geen zinnig mens op. Zoals ze zo mooi zeggen in rechtbankfilms: I rest my case.

Over rechtbank gesproken: vandaag diende een kort geding, aangespannen door het Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap, waar rabbijn Evers geestelijk leidsman is. Gedaagde was de Universiteit van Wageningen, die in een rapport gesteld had dat onverdoofd slachten meer dierenleed veroorzaakt dan verdoofd slachten. Omdat voorstanders van verdoofd slachten naar dit rapport verwezen en het de mening van de Kamerleden beïnvloed zou hebben, wilden Evers en de zijnen herziening van het rapport. Er zouden onvoldoende wetenschappelijke bewijzen in staan om het inhoudelijk te onderbouwen. Maar de rechter was duidelijk in zijn oordeel: hij zag geen reden aan de juistheid van het rapport te twijfelen. Zaak gesloten.

Kijk, dat vind ik wel geestig van Evers. Hekelt enerzijds een rapport omdat er onvoldoende wetenschappelijke bewijzen zouden zijn, maar bepleit te vuur en te zwaard leerstellingen die op mondelinge overlevering gebaseerd zijn en in geen tienduizend jaar wetenschappelijk bewezen kunnen worden. Nee, gevoel voor humor kan je hem niet ontzeggen.

Ik weet het goed gemaakt. Ik daag Evers uit tot een weddenschap. Ik zet hem vijf broodjes pekelvlees voor. Één kosjer, vier niet. Kiest hij goed, dan zeg ik mijn lidmaatschap van de Partij voor de Dieren op. En als het hem niet lukt? Ach, dan is de blamage al erg genoeg, voor zo’n achenebbisje rebbe.

One thought on “99. Een Kwestie van Beschaving (slot)

  1. Mag dat kosjere broodje wel naast niet kosjere broodjes staan? Wordt dat kosjere broodje daar niet spontaan onrein van???? In de joodse keuken wordt kosjer en niet kosjer toch ook strikt gescheiden?
    Wees maar niet bang dat je je lidmaatschap op moet zeggen: er zit geen kosjer luchtje aan…..

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s