77. Vermomde Ambitie

Dat was raar: vanochtend had de presentatrice van het 8-uur journaal het doodleuk over Harry Mulisch, met een u als in Utrecht. Terwijl we gisteren op alle netten gebombardeerd werden met nabeschouwingen en necrologieën over de zaterdagavond gestorven schrijver waarbij, beter laat dan nooit, voor altijd de twijfel werd weggenomen hoe je die lastige naam nu toch moest uitspreken. Met een oe. Harry Moelisch. Wat wil je, met een Duits-Oostenrijks-Hongaarse vader.

Fraaie televisie was dat, gisteren. Het begon ’s ochtends om elf uur. Ik keek/luisterde naar Vrije Geluiden waar vier cellisten een stuk van de Russische componist Alexander Koeznetsov speelden. Oei, wat mooi. En opeens een ingelast journaal met de aankondiging van Mulisch’ overlijden. ’t Zat eraan te komen. Vrijdag kopte de Volkskrant al Het Gaat Niet Goed Met Harry Mulisch. Toen al moeten overal de knipselmappen tevoorschijn zijn gehaald om artikelen en uitzendingen klaar te hebben op uur X, en zondag was het zover. De VPRO had meteen Adriaan van Dis te gast, live in de uitzending, gesecondeerd door Mulisch-specialiste Marita Mathijsen, die het belang van de gestorven schrijver opmerkelijk illustreerde: ‘Toen hij werd geboren barstte de Vesuvius, nu hij sterft is er weer een vulkaanuitbarsting, de, eh…’ Even leek ze uit het veld geslagen, maar toen schoot het haar te binnen: ‘ja, de Merapi.’ Van Dis leek verrast toen zijn tafeldame met die mythologische duiding op de proppen kwam. Zelf koos hij voor een aardsere benadering, noemde Mulisch ‘gedisciplineerd, het werk ging voor alles.’ Volgens Van Dis was hij ‘een voorbeeldig mens, die als vanzelf over literair Nederland presideerde.’ En hij was bovenal zichzelf.

Ik vind het terecht dat Mulisch met zoveel tromgeroffel uitgeleide wordt gedaan. De geschiedenis zal het uitwijzen, maar hij is wellicht inderdaad onze grootste schrijver. Ik ben een groot liefhebber van Reve, en Hermans heeft ons het onvergetelijke Nooit Meer Slapen geschonken, maar Mulisch was zonder twijfel het veelzijdigst. Ik denk dat het eerste wat ik van hem las De Zaak 40-61 was, met die lugubere fotomontages van Eichmann’s verwrongen gezicht. En ‘Bericht aan de Rattenkoning’, Mulisch’ emotionele verslag van de roerige gebeurtenissen in Amsterdam in 1965-1966, was in mijn herinnering een ode aan Provo, waarna Mulisch bij mij niet veel meer fout kon doen. Toch verloor ik hem uit het oog, tot ik in 1998 De Ontdekking van de Hemel las. Weergaloos knap. Daarnaast was het natuurlijk een eigenaardige man, wiens gedrag bij velen tegen de haren instreek. Arrogant, heette het. Ik snapte dat nooit zo goed. Als iemand iets goed kan, en dat van zichzelf zegt, wat was daar mis mee? Van alles, in Nederland. Want maaiveld, nietwaar. Andere landen koesteren hun geniale zonen, hier worden ze neergesabeld.

Maar eigenlijk moet dit over iets anders gaan. Namelijk over het begrip ambitie. Want het kan niet anders, of Mulisch was een uiterst ambitieus man. Zijn hele leven stelde hij ten dienste van zijn schrijverschap. Je wórdt geen schrijver, je bent het, placht hij te zeggen. En hij was het. Was dat ambitie? Normaal gesproken zou ik tegen dat woord geen bezwaar hebben, maar onlangs kwam Arnon Grunberg in de Volkskrant met een opzienbarende definitie: alle ambitie is wraak in vermomming. Daar moest ik even over nadenken. Wat heet, ik ben er nog steeds niet uit. Zou hij gelijk hebben? Is dat wat het is? Voor de goed orde, Grunberg schreef dit een week geleden, en in een andere context, het had niets met Mulisch te maken. Maar ik bleef haken aan dat begrip ambitie. Eerzucht, volgens Van Dale. Maar ook: lust om te werken. En een stapje verder, als bijvoeglijk naamwoord: lust tot het vak hebbend. Jee, denk ik dan. Wat kan daar nu mis mee zijn? Hoe kan dat in verband worden gebracht met wraak? Daarbij denk ik toch vooral aan Shakespeare, bij hem vinden we wraak in overvloed. De koopman van Venetië, met de onbegrijpelijk consequente wraaklust van Shylock, hij zál zijn pond vlees hebben. En Hamlet natuurlijk, maar bij hem is het, anders dan bij Shylock, wél begrijpelijk. Vader vermoord door zijn eigen broer en moeder die het aanlegt met diezelfde moorddadige oom, nou, dan wil je wel. Maar het drama van Macbeth spant de kroon. Hier gaat ambitie niet in vermomming, maar koelbloedig onverhuld bij klaarlichte dag.

In de film Gandhi van Richard Attenborough kwam een interessante dialoog voor tussen Gandhi en Charly Andrews, een Britse geestelijke. ‘You’re an ambitious man, Mr. Gandhi’, zegt Andrews. Waarop deze hoofdschuddend antwoordt: ‘I hope not.’ Ik herinner me dat die uitspraak me verbaasde, en dat ik er lang over gepuzzeld heb wat het kon betekenen. Ambitie was toch goed? Dat hebben we toch geleerd? Waarom dan hoopte Gandhi dat hij dat níet was? En dan opeens die Grunberg, met alle ambitie is wraak in vermomming. Kan het zijn dat Gandhi dat doorzag? Waarom maakten die scenaristen dat niet een beetje duidelijker?

Natuurlijk, ook ik weet van dubbele bodems en ik weet van Freud. Bijvoorbeeld dat seksualiteit eigenlijk agressie zou zijn. En ik weet inmiddels ook wel dat we ons moeten neerleggen bij de wetenschap dat iets nooit alleen maar is wat het is, maar dat ieder iets altijd iets anders is. Tenminste, dat wordt gezegd. Niet woordelijk, maar het komt er wel op neer. Al die dwarsverbanden alle kanten op. Maar wat moet je dan nog? Doodvermoeiend is het. De beste oplossing lijkt dan ook er niet naar te luisteren. Gewoon ervan uitgaan dat alles wél is wat het is. What you see is what you get. Face value. En dat ambitie dus goed is.

Waarmee niet gezegd wil zijn dat we allemaal een Mulisch moeten worden. Het is al een prestatie van formaat als we op z’n minst onszelf kunnen zijn.

4 thoughts on “77. Vermomde Ambitie

  1. Ambitie. Aardig onderwerp dat je aanroert naar aanleiding van (?) de dood van Harry Mulisch en het interview dat je noemde met Arnon Grunberg. Mulisch was ambitieus, zeker. En ik heb Mulisch een keer zien discussiëren met een aantal andere mensen in een café in Amsterdam, gewoon zittend aan een tafel naast de mijne. Het ging over een thema uit de Griekse mythologie, ik weet niet meer welk, het had ‘ambitie’ kunnen zijn, het is er algemeen en uitgebreid genoeg voor. Ik luisterde mee en voelde heel het gewicht van de wetenschap dat hier grote denkers grote gedachten aan het uitwisselen waren.

    Ambitie is in ieder geval een thema dat veel schrijvers geïnspireerd heeft, op verschillende manieren. ‘American Pastoral’ van Philip Roth, dat ik op het ogenblik aan het lezen ben, beschrijft o.a. hoe de meest onschuldige, meest vanzelfsprekende ambitie die een mens kan hebben – een gezin stichten en dat gezin gelukkig maken – kan leiden tot zijn ondergang.

    Even wat directer op je tekst ingaan. Het citaat van Grunberg verbaast me niet, het past bij hem. Grunberg is voor mij iemand die te lange boeken schrijft: van de drie romans die ik van hem gelezen heb ben ik erin geslaagd één (met moeite) tot voorbij de helft te lezen. Zijn stijl, onweerstaanbaar in het begin van ieder boek, wordt na een honderdtal bladzijden vanzelf onverteerbaar. Misschien is dat omdat de oneliners en soundbites waar hij zich graag van bedient weliswaar verrassend en aantrekkelijk zijn, maar van een – van nature – beperkt houdbare aantrekkingskracht, en zijn boeken voor zover ik kan zien geen visie uitdragen, geen thema ontwikkelen dat op de langere termijn de aandacht kan vasthouden. En vandaar ook misschien dat zijn opmerking over ambitie, kennelijk zonder context in een interview gemaakt, je aan het denken kan zetten. ‘Ambitie is wraak in vermomming’. Het klinkt als wijsheid. Er zit waarschijnlijk wel wat in. Maar wat? En misschien is het niet meer dan een plaagprikje.

    Zou Gandhi werkelijk gezegd hebben ‘ik hoop het niet’, als antwoord op de opmerking dat hij ambitieus was, of is dat een verzinsel van de makers van de film? Mocht hij het gezegd hebben, dan kun je denken aan de redenering: ambitie leidt tot succes, succes corrumpeert, dus: ambitie is niet goed. En hijzelf was natuurlijk de bekende uitzondering op de regel. Maar pas aan het eind van de film, en dat kun je tijdens die conversatie nog niet weten…

    Je hebt weer heel wat stof tot nadenken gegeven, zoals wel vaker. Met al die dwarsverbanden alle kanten op die je uit de kast haalt…😉 Dank je!

    • Richard, het was geen interview. Grunberg heeft al langer een dagelijkse column op de voorpagina van de Volkskrant waarin hij ad lib onderwerpen uit het wereldgebeuren becommentarieert. Soms zijn ze scherpzinnig, of wekken de indruk dat te zijn, ik ben nooit zeker. Je hebt waarschijnlijk gelijk, het zijn vaak soundbites, of mogelijk een plaagprikje, zoals aangehaalde quote.

      De vraag over Gandhi is interessant. Het is op zich eigenaardig dat ik mij bijna dertig jaar na dato dat dialoogje nog herinner. Heb het voor de zekerheid gecheckt (op internet kan je met een beetje zoeken soms complete filmscripts vinden), en het klopt. Ik kan het realiteitsgehalte van de uitspraak niet inschatten. Om dat uit te zoeken zou ik Shirer’s biografie moeten herlezen, als daar tenminste over dat thema gesproken wordt, maar hoe leesbaar ook, daar staat m’n kop nu even niet naar. Trouwens, als je nu ‘Gandhi+ambition’ zoekt op google, kom je op een recente biografie getiteld Gandhi, Naked Ambition. Maar dat is geestig bedoeld, want het gaat, zo begrijp ik uit de recensies, in hoofdzaak over ’s mans eigenaardige seksualiteitsbeleving en de rare theorieën die hij daaromheen had gefabriceerd. Die trouwens al wel bekend waren. Ambitieuze theorieën, kan ik je zeggen. Wonderlijke snuiter, die Gandhi.

      Jullie intussen nog steeds in Maleisië, of alweer terug in Bangkok? We zien hier beelden op tv van watersnood alom. Hoop dat het jullie goed gaat.

      • O ja natuurlijk, column, geen interview. Weet niet hoe ik nu aan interview kwam… Ik kan Grunberg’s column niet volgen want die is niet beschikbaar op de VK internetsite.

        We zijn nog in Maleisië, in Penang op het ogenblik. Zien dat mensen die van hier de bus naar Thailand willen nemen dat niet kunnen omdat de bussen, vanwege overstromingen, niet kunnen rijden, maar zitten zelf net iets zuidelijker dan de overstromingen. Het gaat dus goed: de dingen gebeuren altijd ergens anders.

  2. … ambitie… is voor mij synoniem aan het engelse “improve”. Dat is naar anderen toe twee-ledig. Of je doet er je voordeel mee, of je krijgt wraakgevoelens. Die wraakgevoelens zeggen dan meer over de ander dan over degene die zich wil verbeteren, zijn nek wil uitsteken, wil leren van nieuwe uitdagingen..Ik denk dat Mulisch weinig last heeft gehad van wraakgevoelens ondanks dat hij daar wel reden toe had.. Een grote geest heeft het hem mogelijk gemaakt boven dit soort zaken uit te stijgen, mijns inziens..
    Mulisch is mijn Nobelprijswinnaar voor de literatuur; zijn leven en de visie die hij daaruit ontwikkelde en in zijn boeken verwerkte, staan daarvoor. Daar mag Arnon Grunberg nog eens over na denken; de hokjesgeest…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s