26. Verwoest Arcadië

Ze woont in de buurt, al jarenlang. Een met zwarte els en braamstruiken begroeid stuk land een paar honderd meter verderop is haar habitat. Daar jaagt en heerst ze, de witte buizerd.

Toch heeft ze drie jaar geleden bij ons in de tuin gebroed. Hoog boven in een boom bouwde ze een nest. Was haar partner ook wit gevlekt? Ik ben het vergeten. Maar de jongen die ze grootbracht waren, net als zij, meer wit dan bruin. Prachtig, wat een schouwspel. Twee volwassen buizerds en twee uit de kluiten gewassen kinderen die vlieglessen kregen, acher in onze tuin bij de stal. Eenmaal groot verdwenen ze, en pas dit jaar is ze teruggekomen. In haar eentje. Eerst woont ze in het bramenbos, maar bij de eerste tekenen van naderende winter kiest ze opnieuw onze tuin als domicilie. Niet om te broeden, maar om te jagen. 

Ze bivakkeert in een zwarte els achter bij de keuken van waaruit ze haar dodelijke duikvluchten onderneemt. Op haar enorme vleugels raast ze tussen de bomen door en stort zich op haar prooi. Dan vliegt ze op en met een klein zwart silhouet in haar machtige klauwen keert terug naar haar boom.

Het duurt even tot we merken dat er nauwelijks meer andere vogels te zien zijn. Normaal krioelt hiet hier van merels en mezen, maar al wat we nu nog zien is af en toe een winterkoninkje,  schichtig wegduikend in het kreupelhout. De kippen durven ook niet meer ver buiten de veiligheid van stal en hooiopslag. Onze ooit zo veilige tuin blijkt een Verwoest Arcadië

En dan gaat er iets verkeerd met de buizerd.  Ze ligt naast de kas, een ruit is gebarsten. In volle vaart moet ze er tegenaan gevlogen zijn. Een ongelukkig manoeuvre in een poging een prooi te slaan? Nek gebroken. Dood.

Voorzichtig tillen we haar op. Ze is nog warm, en zacht. Nog nooit zagen we haar van zo dichtbij. Ze is zo groot als een klein kind. Ogen gesloten, klauwen dichtgeknepen als gebalde vuisten.  Behoedzaam spreiden we haar vleugels, die haar een half uur eerder nog droegen.

  buizerd-2-2-web1

Straks, als de aarde ontdooid is, begraven we haar in de tuin waar al menig dier een rustplaats gevonden heeft. Enkele kippen, een konijn, onze betreurde tamme eend die door de vos werd gepakt, de zwartwitte geit Sarah die van pure ouderdom is doodgegaan en het piepkleine lammetje dat vorig jaar door de moeder verstoten was en van  Mirjam de fles kreeg, maar het niet gered heeft. En nu dus de witte buizerd. 

De tuin is doodstil. De vetbollen en pindazakjes hangen er verweesd bij, geen kool- of pimpelmees die zich in de buurt van ons grondgebied waagt.  De kippen hebben intussen ontdekt dat de kust weer veilig is. Ze zijn uit hun schuilplaats tevoorschijn gekomen en krabben woest in de bevroren grond. Straks, hopelijk, ook weer de vogels.

Eens zien hoelang het duurt tot het evenwicht zich hersteld heeft.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s